Begroting 2016: veehouderij in de nieuwe kleding van de keizer

“Trek meer financiën voor onderzoek en innovatie in de landbouw uit voor een duurzamer veehouderij”. Daartoe roept de Dierenbescherming staatssecretaris Dijksma en de Tweede Kamer op bij de behandeling van het onderdeel landbouw van de rijksbegroting.
Bert van den Berg

Door: Bert van den Berg Programmamanager Veehouderij

Begroting 2016: veehouderij in de nieuwe kleding van de keizer

Prinsjesdag 2016: Beweren dat de veehouderijsector zo innovatief en succesvol is, valt niet langer vol te houden. De economie trekt aan, maar het verhaal bij de begroting van het ministerie van Economische Zaken, dat ook gaat over het welzijn van vee, begint steeds meer te lijken op het sprookje van de nieuwe kleren van de keizer. Dat blijkt dezer dagen nog eens indringend uit de malaise in de opbrengstprijzen voor varkens- en melkveehouders. Een pijnlijke illustratie van hoe urgent het is dat de veehouderij zich nu eindelijk eens minder afhankelijk maakt van bulkproductie voor de wereldmarkt en zich echt gaat transformeren naar een veehouderij die zoveel mogelijk gericht is op het creëren van producten met meerwaarde, waaronder een hoger dierenwelzijn, voor de Noordwest-Europese markt.

Bodemloze put

De transformatie naar een duurzamere en diervriendelijke veehouderij vraagt vooral een slim en actief veehouderijbeleid van de overheid. Staatssecretaris Dijksma van Economische Zaken doet haar best, maar met steeds minder geld en voortdurende onenigheid tussen de coalitiepartners VVD en PvdA over de richting van het veehouderijbeleid, kan zij geen ijzer met handen breken. Dat is zorgelijk, want hiermee houdt het kabinet Rutte in feite de hele sector in een wurggreep. De vorige week nog toegezegde reddingsboei vanuit Brussel voor de Europese varkensboeren is ook gesteund door Nederland en in dit verband tekenend: geld blijven gooien in een bodemloze put. Een half miljard euro waarvan 30 miljoen voor de Nederlandse boeren. Hopelijk slaagt de staatssecretaris er in dit geld voor vernieuwing in te zetten.

Helaas heeft de overheid de afgelopen jaren daarentegen juist fors bezuinigd op instrumenten en instellingen van belang voor een werkelijk innovatief beleid. En blijkens de begroting 2016 lopen die bezuinigingen tot zeker 2020 verder door. Dat geldt niet alleen voor de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit – waardoor het handhaven van dierenwelzijnsregels nóg meer onder druk komt te staan – maar ook voor het zogenaamde groene onderwijs waar onze toekomstige veehouders worden opgeleid.

Kaalslag in verduurzaming veehouderij

Gevolg van het kabinetsbeleid op het gebied van landbouw is dat juist op het vlak van onderzoek en innovatie in de veehouderij kaalslag dreigt. Het vorige Kabinet is al begonnen met bezuinigen op onderzoek en heeft de resterende onderzoeksbudgetten voor een groot deel overgedragen aan het bedrijfsleven verenigd in de zogenaamde ‘Topsector Agri&Food’. En dat steekt die gelden vooral in eigen onderzoek. Helaas dient dat echter lang niet altijd de verduurzaming van de sector.

De Europese plattelandsgelden zijn verder merendeels naar de provincies gegaan, óók zonder veel aanwijzingen van het rijk dit vooral aan verduurzaming te besteden. Dat is raar, want op eerdere kritische vragen vanuit de Tweede Kamer over de besteding van deze gelden aan 'kerken en sjoelclubs' zoals de media daarover berichtten, zei staatssecretaris Dijksma nog dat “het voornemen is om de toekomstige uitgaven voor het platteland enkel te richten op agrariërs en agrarisch grondgebruik. Met name op het gebied van versterking van het innovatief vermogen en de duurzaamheid van de landbouwsector”.

Het stokken van de voortgang op het gebied van onderzoek en innovatie komt verder ook doordat sommige taken van de per 2015 afgeschafte Productschappen voor Vee, Vlees en Eieren (nog) niet door overheid of bedrijfsleven zijn overgenomen. Dat geldt jammer genoeg dus ook voor onderzoek en innovatie. Tot 2015 financierden de Productschappen onder meer onderzoek door heffingen op te leggen aan het bedrijfsleven. Op dit moment wordt nog steeds gesteggeld over de vorm waarbinnen het noodzakelijke onderzoek dan wel betaald kan worden. Het zoeken is naar een systeem met 'Algemeen Verbindend Verklaringen' voor de bedrijven in de veehouderijsector zodat weer heffingen kunnen worden opgelegd. Haast is geboden, want het veterinair praktijkonderzoek dat de Gezondheidsdienst voor Dieren voor de pluimveesector uitvoert, is deze zomer bijvoorbeeld al stopgezet omdat de financiering voor 2015 niet rond komt!

Stop op onderzoek couperen varkensstaarten

Een ander veeg teken is dat het Varkens Innovatiecentrum van Wageningen Universiteit en Research in Sterksel inmiddels de helft van haar personeel heeft moeten ontslaan en nog steeds door financiële onzekerheid in haar voortbestaan wordt bedreigd. Op het zeer belangrijke onderzoek naar stoppen met couperen van varkensstaarten is noodgedwongen bezuinigd. En voor de verdere lobby in Europa om met varkenscastratie te stoppen kan alleen met de grootst mogelijke moeite wat geld gevonden worden. Ook voor Beleidsondersteunend Onderzoek ter beantwoording van vragen van ministerie en Tweede Kamer wordt in 2016 weer minder budget in de begroting uitgetrokken.

Meer gelden voor duurzamer veehouderij

Het is mooi dat staatssecretaris Dijksma nog niet zo lang geleden in een gezamenlijke verklaring met Denemarken en Duitsland de EU opriep tot een actiever dierenwelzijnsbeleid in de veehouderij, maar in eigen land doet de Nederlandse overheid zelf steeds minder om het Nederlandse bedrijfsleven te helpen het goede voorbeeld te geven. De Dierenbescherming roept de staatssecretaris en de Tweede Kamer dan ook op bij de behandeling van het onderdeel landbouw van de rijksbegroting meer financiën voor onderzoek en innovatie uit te trekken om het tij te keren. En zet deze middelen dan zoals gezegd slim en actief in, met name voor het stimuleren en faciliteren van het opzetten van duurzamer producerende ketens.