De ene gans is de andere niet

Een kaart van Nederland. Daarop geprojecteerd: allemaal taartjes! Het was een illustratie die een collega deze week gebruikte om duidelijk te maken hoe ganzen ons land van boven zien. Luilekkerland!!
Dierenbescherming

Door: Dierenbescherming

De ene gans is de andere niet

We doen het vaker hier op kantoor, personeelsbijeenkomsten in een grote zaal waarbij collega's, nadat ik mijn directeurspraatje heb gehouden, om beurten een kijkje achter de schermen van hun dagelijks werk geven. Informatief én inspirerend. Deze keer ging het dus over ganzen. Kort door de bocht kwam het verhaal van onze persvoorlichter Dik Nagtegaal erop neer dat de gans voor de Dierenbescherming een symbooldier is.

Een symbool, dat staat voor de wijze waarop wij in Nederland omgaan met de in het wild levende dieren. 'Heb je er last van, dan bestrijd je ze met man en macht,' lijkt het credo. En dat, terwijl het een stuk diervriendelijker kan. Bijvoorbeeld door wat minder taartjes in ons landschap te zetten…. Concreet: plant bijvoorbeeld olifantsgras. Daar houden ze niet van, want dat is hoog en dan zien ze niets meer!

Jagers falen

Ik leer een hoop van mijn collega's hier. Wist u bijvoorbeeld dat een kwart van de rondvliegende ganzen wel eens is aangeschoten? Dat is toch ongelooflijk! Dat betekent dus dat jagers meer dan eens falen. Ze schieten, maar kunnen dat blijkbaar ook niet zo secuur als ze zelf beweren, want veel dieren zijn gewoonweg niet in één keer pijnloos gedood, maar vliegen gewond en wel door.

Ik las dit toch wel schokkende feit in een stuk dat ik kreeg van onze senior beleidsmedewerker Femmie Kraaijeveld-Smit. Zij is degene die onder meer congressen bezoekt, met wetenschappers praat en meedoet aan debatreeksen en politieke inspreekbijeenkomsten. Vorige week was ze op zo'n congres en stuurde ze mij een lezenswaardig verslag. 'De ene gans is de andere niet', stond erboven. Ik deel het stuk hier graag met u:

"Ganzen zijn ganzen, zou je denken. Dat dit verre van de waarheid is, bleek wel uit de verschillende wetenschappelijke presentaties tijdens het symposium ‘The changing world of the goose’. Niet alleen heb je ontzettend veel ganzensoorten die zich net allemaal even anders gedragen, ook binnen één soort zit weer veel verschil in bijvoorbeeld trekgedrag. De ene gans vliegt over land vanuit zijn overwinteringsbied naar zijn broedgebied, terwijl een ander dier liever omvliegt, langs de kust. Super interessant allemaal en ongelofelijk hoeveel kennis men heeft verzameld over het trekgedrag van dieren in het wild en ook het effect van roofdieren op de populatie. Zo lijkt het er op dat de trekkende ganzen nu langer in Nederland blijven, omdat ze op hun trekroute naar broedgebieden in Rusland onderweg veel belaagd worden door zeearenden, die het de laatste jaren veel beter doen in landen als Estland.

Nieuw roofdier

Ook op de broedgronden veranderen de omstandigheden. Zo hebben de brandganzen op Spitsbergen te maken met een nieuw roofdier. IJsberen zijn door het terugtrekken van het poolijs nu goed in staat om bij hun nesten te komen en de eieren heerlijk op te peuzelen. Niet zo mooi voor de gans, maar wel weer een mooi alternatief voor de ijsbeer, die ook onder druk staat.

Maar goed, waar was de Dierenbescherming nieuwsgierig naar? Het was de vraag of deze kennis op enigerlei wijze bijdraagt aan het effectief en diervriendelijk aanpakken van het probleem rondom ganzen in Nederland. Ik vreesde met grote vrees, want één van de initiatiefnemers van het congres, het International Council for Game and Wildlife Conservation, staat voor een wereld die duurzame jacht waardeert en ondersteunt ten voordele van de mens en de natuur. Ganzen doen het goed. Te goed volgens velen. In de jaren zestig, toen nog uitgebreid gejaagd mocht worden op ganzen, was dat wel anders. Door de intensieve jacht waren broedganzen helemaal uitgestorven in Nederland, en van grote aantallen overwinterende ganzen, die broeden in Rusland, was ook geen sprake meer. Een stop op de jacht begin jaren tachtig leidde tot een prachtig herstel van verschillende soorten ganzen. Zoals gezegd, tot ergernis van onder andere de agrariër, de luchtvaart, sommige natuurterreinbezitters en gemeenten.

Intensieve jacht

Gezien het feit dat de stop op de jacht de aantallen heeft doen laten toenemen, zou je zeggen dat het voor de hand ligt dat de terugkeer van de jacht zal bijdragen aan een vermindering van de aantallen en daarmee ook de overlast. En ja, zo blijkt uit de presentaties, dat lukt met zeer intensieve jacht voor ‘overlast gevende’ sneeuwganzen in Canada en Amerika, en ook met Kleine Rietganzen in Denemarken en Noorwegen. Voor sneeuwganzen geldt overigens wel dat door veranderd landgebruik, van moerasgebieden naar agrarisch gebied, de jacht ontzettend geïntensiveerd moest worden om ook maar enigszins een stabilisatie van de aantallen te realiseren.

De Dierenbescherming zet grote vraagtekens bij oplossingen die jacht gerelateerd zijn. Het levert een hoop dierenleed op, want uit onderzoek blijkt dat zo’n 25% tot 40% van de nu rondvliegende dieren wel eens is aangeschoten. Met andere woorden, een groot deel van de dieren is zeker niet in een klap dood. Daar werd op dit congres geen aandacht aan besteed. Wat de Dierenbescherming betreft is dat een van de redenen waarom gezocht moet worden naar oplossingen die niet met het doden van dieren te maken hebben. Gelukkig waren er ook partijen op het congres aan het woord die dit ondersteunen. Gedegen onderzoek door SOVON laat zien dat grootschalig afschot in de provincie Utrecht tot op heden nog niet geleid heeft tot lagere aantallen en een reductie in schade. Met goede opvanggebieden, die hoog van kwaliteit zijn, en waarbij buiten de opvanggebieden verjaging plaatsvindt, kan dit wel. Dit blijkt ook uit onderzoek uitgevoerd door dezelfde instantie in de Ooijpolder en het aangrenzende Duitse gebied.

Diervriendelijker oplossingen

Ook het niet bejagen van de vos is een goed alternatief, zo gaf de Vogelbescherming aan. Vreemd genoeg riepen beide presentaties wat stevige reacties op uit het publiek. Je vraagt je af in hoeverre de aanwezigen open staan voor innovatieve oplossingen, die én dierenleed voorkomen en overlast bij de agrariër grotendeels beperken. De weg naar een brede, diervriendelijkere en effectieve aanpak lijkt nog enigszins ver weg, ondanks de schat aan informatie die we inmiddels opgedaan hebben. Daarom blijft de Dierenbescherming zich inzetten voor een diervriendelijker beleid en uitvoering, zodat het welzijn van ganzen onder de aandacht blijft in deze discussie en daarin ook een plek vindt."

Tot zover het verslag van Femmie. Ik kan u melden dat zij direct de daad bij het woord voegde. Tijdens een paneldiscussie in Wilnis met voor- en tegenstanders van de massale ganzenjacht kreeg zij het deze week voor elkaar dat men in ieder geval bereid is te praten over diervriendelijke oplossingen in De Ronde Venen….. Kijk, daar doen we het voor. Ik ben trots op mijn mensen!

Frank Dales,
Algemeen directeur