Hieronder vind je antwoord op de veelgestelde vragen aan Dierenambulance Midden Nederland. Kun je geen antwoord vinden op jouw vraag? Mail dan info@damnl.nl.
Onze dierenambulances moeten zichzelf bedruipen. Het vervoer van zieke, gewonde en zwervende dieren is in NL nog niet goed geregeld. De Dierenbescherming ziet het als de wettelijke taak van gemeenten om dit in ieder geval voor gezelschapsdieren te ondervangen. Iedereen die een dier in nood ziet, is wettelijk verplicht dit dier te helpen. Omdat wilde dieren geen eigenaar hebben, zouden provincies, gemeenten of de rijksoverheid hierin hun verantwoordelijkheid moeten nemen. Dit kan heel goed door opvang en vervoer financieel te ondersteunen. Dat gebeurt incidenteel, maar lang nog niet structureel. 

Dierenambulance Midden Nederland is geen overheidsinstelling en kan haar werk alleen doen dankzij donaties. Steun ons!
Als je een dood dier aantreft, bel dan de gemeente. Zij kunnen je vertellen hoe het ophalen van dode dieren binnen de gemeente geregeld is. 
Dieren zoeken soms de vreemdste plekken op om hun jongen te werpen. Tref je een nest jonge dieren als tamme konijnen of kittens aan? Raak de dieren dan niet aan, laat ze met rust en neem contact met ons op. In overleg met jou kijken we hoe we deze dieren het beste kunnen helpen.
Dergelijke klachten kun je doorgeven bij het meldnummer 144. Afhankelijk van de melding wordt de politie, de Dierenbescherming, de Landelijke Inspectiedienst of de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit ingeschakeld. 

Om de melding zo goed mogelijk te kunnen registreren wordt je in elk geval gevraagd om gegevens door te geven over:
  • Het (de) dier(en);
  • De locatie;
  • De eigen waarneming;
  • Jezelf (anonieme meldingen worden niet in behandeling genomen).
De Dierenbescherming kan geen meldingen namens een melder doorgeven. Enkel meldingen van ooggetuigen worden in behandeling genomen.
Als een dier in acute nood is, gewond of in een uitzichtloze situatie verkeert, kun je de dierenambulance inschakelen via het landelijke meldnummer 144. De centralist stelt je een aantal vragen, om te bepalen of de inzet van een ambulance noodzakelijk is. Vaak kun je namelijk zelf meer betekenen voor een dier in nood dan je zelf denkt. 

Dierenambulance Midden Nederland is onderdeel van de Dierenbescherming. Het werkgebied van Dierenambulance Midden Nederland in Flevoland is Almere en Zeewolde. Bel 088 811 3340, keuze 1 voor de meldkamer. 
Als er een egel in je tuin zit, hoef je niets te doen. Egels scharrelen graag door tuinen op zoek naar eten. Egels zijn nachtdieren. Zodra je een egel overdag ziet, moet je wel contact met ons opnemen. Een egel die zich overdag laat zien, is namelijk niet in orde en heeft hulp nodig.
Nee, in eerste instantie niet. Voordat onze dierenambulance ter plekke is, is de hond waarschijnlijk alweer verdwenen. Daarnaast ondervindt een dier veel stress van het opjagen, waardoor de kans op verwondingen toeneemt. Probeer de hond te vangen en neem dan contact met ons op. Betreft het een gevaarlijke situatie op een drukke weg? Bel dan direct de politie (0900-8844).
Nee, in eerste instantie niet. Een goed doorvoede kat of poes is geen zwerfdier. Regelmatig worden wij voor een zogenaamd zwerfdier gebeld. Achteraf blijkt vaak dat het dier een paar huizen verderop woont en wordt de rechtmatige eigenaar nodeloos met kosten opgezadeld.

In Nederland mogen katten gewoon vrij rondlopen. Als je last hebt van een loslopende kat, adviseren wij je de eigenaar erop aan te spreken. Indien je niet weet wie de eigenaar is, kun je proberen het dier een (vlooien)bandje om te doen met een briefje waarin je vraagt of de eigenaar contact met je wil opnemen. Daarnaast kunt je eraan denken om je tuin minder toegankelijk te maken voor katten door bijvoorbeeld ruitplanten te planten.

Indien een kat er goed doorvoed uitziet is het raadzaam om de kat niet te voeden. Als je (zwerf)dieren voert, zullen ze steeds bij je terugkomen.
Helaas kunnen wij je hiermee niet helpen. In Nederland zijn alle inheemse vogelsoorten beschermd. Dat betekent dat wettelijk is bepaald dat we nesten niet mogen verwijderen. Wacht tot de jonge vogels zijn uitgevlogen en verwijder daarna het nest.