Dierenwelzijn meenemen bij transitie veehouderij Brabant

7 juli 2017

De Dierenbescherming is voorstander van het aanpakken van de enorme problemen die de vee-industrie in Noord-Brabant veroorzaakt, maar vindt dat naast de noodzakelijke aandacht voor de achteruitgang van de natuur en de bedreiging van de volksgezondheid óók verbetering van dierenwelzijn een plek moet krijgen. Dat is de strekking van een brief van de Dierenbescherming aan het provinciebestuur. Vandaag wordt besloten over het plan “Versnelling transitie veehouderij” in Noord-Brabant.

Bedoeling is dat de veehouderij duurzamer wordt. De Dierenbescherming waarschuwt echter voor nadelige effecten voor dieren als de plannen in hun huidige vorm worden uitgevoerd. Over vijf jaar leiden de nieuwe milieunormen bijvoorbeeld tot het gesloten maken van stallen en het plaatsen van luchtwassers om uitstoot van ammoniak, stof en geur tegen te gaan. Als rekening wordt gehouden met dierenwelzijn is echter juist daglicht, lucht, ruimte en uitloop naar buiten nodig. En een luchtwasser maakt weliswaar de lucht die uit de stal komt schoner, maar in de stal zelf heerst dan nog steeds een heel ongezonde atmosfeer voor mens en dier.

Varkenstoilet

“Hanteer de strengere provinciale milieunormen alleen daar waar stallen te dicht op woon- en/of natuurgebieden staan en bied in de rest van de provincie meer ruimte voor innovatieve en integraal duurzamere, waaronder diervriendelijker aanpak van de problemen in de veehouderij”, aldus directeur Femke-Fleur Lamkamp van de Dierenbescherming. Als voorbeeld wordt het zogeheten varkenstoilet genoemd, dat ook kan zorgen voor minder ammoniak, stof en geur. 

De Dierenbescherming is ook bang dat het voor boeren moeilijk wordt om over te stappen op diervriendelijker veehouderij. Bij het Beter Leven keurmerk moeten de dieren bijvoorbeeld meer ruimte krijgen. Als een veehouder dat zou willen, dan moet hij straks stalruimte afkopen - de stalderingsregeling - of minder dieren gaan houden. Die drempel zal vaak te hoog blijken.


Krimp veestapel

Femke-Fleur Lamkamp: “De Dierenbescherming is voor krimp van de veestapel, maar dan juist niet bij bedrijven die serieus bezig zijn zich duurzamer, waaronder diervriendelijker te ontwikkelen. De vraag naar Beter Leven-producten stijgt, maar dan moeten er wel voldoende boeren in Nederland zijn die dit kunnen produceren. Het zou heel jammer zijn als producten met het Beter Leven keurmerk straks uit het buitenland moeten komen, terwijl Nederland vooral intensief en massaal produceert voor de export”. In haar brief pleit ze dan ook om boeren die voorop lopen vrij te stellen van de staldering.