Ophokplicht voor pluimvee is voorbarig

17 januari 2020

Al zou je het met deze temperaturen misschien niet zeggen, maar het is toch echt winter, en dat is de risicoperiode voor vogelgriep. Vorige winter is ons land de ziekte bespaard gebleven, maar nu vreest de pluimveesector voor nieuwe uitbraken omdat het virus in Oost-Europa is opgedoken. Uiteraard moeten bij een reële dreiging maatregelen genomen worden. Niemand wil dat bedrijven besmet raken en geruimd moeten worden. Maar maatregelen zoals het ophokken van al het pluimvee hebben ook nadelige gevolgen voor dierenwelzijn, en moeten dus niet voorbarig genomen worden.

Er is een hoog pathogene variant van het vogelgriepvirus (H5N8) aangetroffen op pluimveebedrijven in Polen, Hongarije, Slowakije en Roemenië. Het is aannemelijk dat het virus in Polen geïntroduceerd is door wilde vogels, die het virus bij zich kunnen dragen. De Nederlandse pluimveesector is nu bang dat het virus ook Nederland zal bereiken. En die angst is voorstelbaar, want als een bedrijf met een hoog pathogeen virus wordt geïnfecteerd moet het geruimd worden, met alle negatieve gevolgen voor mens en dier van dien.

Stop met importeren en exporteren van en naar landen waar het virus heerst

De pluimveesector roept echter meteen op tot een landelijke ophokplicht. Dat betekent dat al het pluimvee met toegang tot een vrije uitloop, niet meer naar buiten mag. Het gaat dan met name om leghennen, waarvan er zo’n 8 miljoen op biologische of vrije uitloopbedrijven wordt gehouden. Behalve dat de dieren daardoor geen toegang meer hebben tot de buitenlucht en een meer gevarieerde omgeving dan de stal, kan een dergelijke plotselinge verandering voor veel stress bij de dieren zorgen. Dat kan vervolgens weer leiden tot problemen met verenpikkerij. De Dierenbescherming roept dus op om vooralsnog geen landelijke ophokplicht in te stellen. Het stoppen met importeren en exporteren van en naar landen waar het virus momenteel heerst zou wel een goede maatregel zijn.

Het gaat dan met name om leghennen, waarvan er zo’n 8 miljoen op biologische of vrije uitloopbedrijven wordt gehouden.

Situatie nauwlettend in de gaten te houden

De minister heeft donderdag besloten om geen ophokplicht in te stellen, maar de situatie wel nauwlettend in de gaten te houden. Indien de minister toch besluit om over te gaan tot een ophokplicht, zou Nederland moeten worden ingedeeld in een hoog- en laag-risico gebied voor vogelgriep. Dit is eerder al gedaan bij de uitbraak in 2018. De indeling is gemaakt op grond van de locaties van de vogelgriepuitbraken sinds 2014, wilde vogeldichtheden, pluimveedichtheden en praktische geografische grenzen. De ophokplicht zou dan enkel in het hoog-risicogebied moeten gelden. Ook zouden bedrijven die hun dieren ophokken extra maatregelen moeten nemen om stress tegen te gaan, zoals bijvoorbeeld meer omgevingsverrijking (lucernebalen, graan, pikblokken, etc.) aanbieden.

Nu maatregelen implementeren

Hopelijk is de aanwezigheid van vogelgriep in Oost-Europa ook een stok achter de deur om de maatregelen die worden genoemd in de Roadmap Strategische Aanpak Vogelgriep verder te implementeren. Deze roadmap is in 2019 gepresenteerd door de Dierenbescherming, de pluimveesector en het ministerie van LNV.