Prinsjesdag en dierenwelzijn: oude beloftes en nieuwe kansen

16 september 2020

Oude beloftes komen terug in een nieuw jasje en de veehouderij staat belangrijke investeringen te wachten. De Dierenbescherming reageert echter sceptisch op het gisteren gepresenteerde kabinetsbeleid voor het volgend jaar. De toezegging dat er een zelfstandig houdverbod van dieren komt voor notoire dierenkwellers is vaker gedaan en investeringen kunnen pas duurzaam zijn als er naast aandacht voor natuur en milieu ook aandacht is voor dierenwelzijn. Het is voor de Dierenbescherming verder onbegrijpelijk dat de dure lessen die we nu leren over van dier op mens overdraagbare, zeer besmettelijke ziekten, onvoldoende worden vertaald in beleid.

Prinsjesdag is traditioneel een dag om vooruit te kijken, maar wij keken dit jaar even terug. Want mooie plannen zijn pas echt mooi wanneer ze gerealiseerd worden. Dus stonden we stil bij drie belangrijke openstaande beloftes: de invoering van het houdverbod, de aanpak van slachthuisproblematiek en de invoering van een positieflijst van, om te beginnen, zoogdieren die mogen worden gehouden als huisdier. Dieren die daarvoor ongeschikt zijn staan daar dan niet langer op. 

Zou 't nu echt?

Het blijft koffiedik kijken of het komende, korte regeringsjaar soelaas gaat bieden. De meeste hoop lijkt er voor de invoering van het zelfstandig houdverbod. Zou ’t nu echt? "Op basis van analyse van de fokkerij en handel in honden bevordert LNV in 2021 meer gezonde en sociale honden. Het verbeterde systeem voor Identificatie en Registratie Hond treedt in werking evenals het zelfstandig houdverbod”, aldus het kabinet gisteren. De Dierenbescherming is kritisch maar altijd constructief. Op dit onderwerp hebben we echter bijna alle hoop verloren: al bijna 2 jaar is het ook hier oorverdovend stil  rond dit wetsvoorstel en ‘hangt’ het zonder enige reden of uitleg, nog altijd in de consultatiefase. 

De toezegging dat er een zelfstandig houdverbod van dieren komt voor notoire dierenkwellers is vaker gedaan

Laat de slager niet zijn eigen vlees keuren

In de toelichting op de Landbouwbegroting schrijft minister Schouten dat borging van dierenwelzijn de verantwoordelijkheid van de ondernemer is. Uitwassen en jarenlange, terugkerende misstanden laten zien dat dit niet kan zonder krachtig overheidstoezicht op de veehouderij, het veetransport en de slachterijen. De Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit  is niet de krachtige toezichthouder. De organisatie kampt nog steeds met de negatieve gevolgen van jarenlange reorganisaties en bezuinigingen. Ook het personeelstekort bij de NVWA is nog altijd niet opgelost. Het op orde brengen van de automatiseringssystemen lukt niet en is stilgelegd. Het onderzoek naar ernstige misstanden bij slachthuizen in het noorden van het land is door vertraging bij de NVWA stilgevallen. Dat is onacceptabel.

Na de zoveelste onthulling van misstanden in een slachterij heeft de minister dit voorjaar toegezegd de productiesnelheid omlaag te brengen en met de slachterijen en andere betrokkenen, waaronder de Dierenbescherming, om tafel te gaan zitten om te kijken naar verbeteringen in het slachtproces. Dit komt opnieuw terug in de toelichting op de begroting, maar er is het hele afgelopen jaar niet met elkaar gesproken. En dat, terwijl de vreselijke slachtbeelden daar alle urgentie toe gaven.

  • Kortom: zorg voor een betere borging van dierenwelzijn in de veehouderij. Help de handhavers handhaven.

Investeer in het voorkomen van een volgende pandemie

Door covid-19 hebben we  gezien  hoe verwoestend een pandemie als gevolg van een zoönose – een ziekte die van dier naar de mens overspringt - kan zijn. Dit komt onvoldoende terug in de begroting voor volgend jaar. Men lijkt op het gebied van de aanpak van zoönosen door te gaan op de oude voet: het diergezondheidsfonds voor (financiële) hulp aan veehouders bij besmettelijke dierziekten en ‘monitoring’  door de NVWA. Dat is belangrijk, maar wel beleid gericht op reactief ingrijpen. Wij pleiten voor preventie,  zodat we de gezondheid van mens en dier kunnen waarborgen. Kijk naar plekken waar de risico’s zich voordoen, naar  situaties waar mensen met dieren in aanraking komen of waar dieren over de wereld gesleept worden. Denk aan beurzen en tentoonstellingen, maar ook aan de fokkerij en de (inter)nationale handel in gezelschapsdieren. Het invoeren van de eerder genoemde positieflijst is een van de instrumenten die bijdraagt aan de vermindering van risico’s voor mens en dier: wanneer we stoppen met de handel in exotische dieren gaat dat helpen..

  • Kortom: investeer in het voorkomen van de volgende pandemie, door zoönose-risico’s bij de bron aan te pakken. Dat betekent minder gesleep met dieren, en stoppen met het houden van exotische diersoorten. 

Verduurzaam de veehouderij integraal: voorkom de stikstofcrisis van morgen

Wanneer je nu  de stikstofproblematiek op wilt lossen met bijvoorbeeld slechts een luchtwasser, ben je symptoombestrijding aan het plegen. We zagen het eerder bij de veevoermaatregel. Nu wordt er geld uitgetrokken voor brongerichte emissiebeperkende maatregelen. Dat  is in potentie veelbelovend, mits de randvoorwaarde is dat deze bronmaatregelen integraal duurzaam zijn. Voor mens, milieu en dier. Kies je daarentegen voor de luchtwasser, dan krijg je er problemen met stallucht, chemicaliën, energie en waterverbruik voor terug. Je kunt ook kijken naar het systeem en kiezen voor een weidegang verplichting. Dan krijg je er gezondere koeien, minder antibioticagebruik en schone lucht voor terug. En natuurlijk minder stikstof.

  • Kortom: investeer in integrale verduurzaming van de veehouderij in plaats van symptoombestrijding.

Verduurzaam de veehouderij integraal.