Tuin vooral kroeg voor insecten en kleine dieren

10 mei 2019

Bij de helft van de doorgegeven tellingen tijdens de jaarlijkse Tuintelling: Van kroeg tot kraamkamer blijken de bezoekende dieren de tuin vooral als kroeg te gebruiken. De insecten en kleine dieren komen langs om iets te eten of te drinken. Zo'n 24 % blijft ook wel eens slapen, we noemen het dan een hotel, en voor 26% is de tuin een heuse kraamkamer en hebben de tellers dus nageslacht gezien. De meest getelde dieren per soortgroep zijn de Koolmees, Citroen vlinder, Bruine kikker en de Egel. Dit jaar deden 689 tellers mee die in totaal 1022 tellingen hebben doorgegeven via het platform Jaarrond Tuintelling.

Tijdens onze Tuintelling: Van kroeg tot kraamkamer, die van 26 april tot en met 5 mei werd gehouden, hebben we mensen gevraagd om insecten en kleine dieren in en rond hun tuin of balkon te tellen. Daarbij wilden we ook graag weten hoe de dieren de tuin gebruikten, als kroeg, hotel of kraamkamer. Uit de telling blijkt dus dat dieren de tuin vooral gebruiken om eten en drinken te vinden. Het aantal tellers is te laag om er harde conclusies aan te verbinden, maar deze uitkomst sluit wel aan bij ons vermoeden dat veel dieren de tuin opzoeken omdat het voedselaanbod in de buitengebieden sterk is afgenomen. Extra belangrijk dus dat mensen hun tuin of balkon diervriendelijk inrichten. Tip & tricks om van jouw tuin een waar tuinreservaat te maken vind je hier.

De koolmees is het meest getelde dier tijdens onze tuintelling.

Vogels, vlinders, kikkers en zoogdieren

Veruit de meeste getelde dieren zijn vogels. De top 3 bestaat uit de Koolmees, Merel en Huismus. De vlinders komen op de tweede plaats met vooral Citroen vlinders, Dagpauwogen, Kleine vossen. Bruine kikkers, Gewone padden en Kleine watersalamanders zijn de meest gemelde in de soortgroep kikkers en bij de zoogdieren vormen Egels, Vleermuizen en Eekhoorns de top 3. De tuintellers hebben zich niet beperkt tot de door ons uitgelichte soorten, in totaal werden er maar liefst 156 verschillende soorten doorgegeven.

Per provincie

De tellingen kwamen binnen uit het hele land, 689 in totaal. In Zuid-Holland, Noord-Brabant en Gelderland werd het meest geteld, respectievelijk door 120, 106 en 105 tuintellers. De uitkomst van de tellingen kwamen in de meeste provincies overeen met het landelijke beeld. Uitzonderingen zijn er ook, in Flevoland is de huismus bijvoorbeeld het meest getelde vogel en in Zeeland de Merel. In Drenthe, Noord-Brabant en Overijssel zijn meer Vleermuizen geteld dan Egels en in Limburg is de Eekhoorn vaker geteld. Bij de amfibieen valt op dat er in Limburg en Zeeland meer Kleine watersalamanders zijn geteld en dat in Friesland blijkt de Gewone pad vaker in de tuin gespot te zijn. Wat dagvlinders betreft valt tot slot op dat de Citroenvlinder in alle provincies het meest geteld is.