Reinaert

Hadden we het hier gisteren nog over aangereden reeën, vandaag kregen we een melding van een gewonde vos in de Emmerdennen.

Reinaert

Een wandelaar die met zijn keurig aangelijnde hond genoot van een mooie boswandeling werd door zijn viervoeter attent gemaakt op een gewonde vos. Reinaert leek veel pijn te hebben en kon niet goed meer lopen. Er werd besloten ons te bellen.

Het was snel duidelijk dat het dier ernstig gewond was en met veel geduld en op kalme wijze werd het door de collega's gevangen en in een reeënkist gedaan voor vervoer naar de dierenarts.


Daar bleek helaas dat deze rekel een open botbreuk had en daarom niet echt meer veel kansen had. In overleg werd besloten arme Reinaert in te laten slapen. Helaas!

De grote vraag die blijft is nu: wat is er gebeurd? Heeft deze arme rode rakker een aanrijding gehad of is er iets anders gebeurd? We zullen het wel nooit weten en alleen kunnen vermoeden. Een vos is maar weinig groter dan een flinke kat, hoewel hij door zijn lange vacht en dikke staart vooral 's winters bedrieglijk groot lijkt. Ze hebben een goed gehoor en een uitstekende reuk maar hun zicht is ietsje minder.

Hij komt in vele leefgebieden voor, zowel in bos en parken, heide en venen, duinen, polders en landbouwgebieden maar ook aan de randen van of in dorpen en steden. Hij leeft waar voldoende voedsel en dekking is en jaagt bij voorkeur in het overgangsgebied van biotopen omdat daar het meeste voedselaanbod is.

Het mannetje (rekel) is groter dan het vrouwtje (moer). Onze Reinaert was dus een rekel. Vossen krijgen eenmaal per jaar jongen. De paartijd valt in december tot februari. Soms treft men één of meer jongen, schijnbaar verweesd en onbewaakt in de natuur aan. De neiging om ze mee te nemen is groot, vooral omdat ze geen enkele angst voor de mens hebben. Laat ze echter altijd met rust! De band tussen moeder en jong is bij vossen uitermate sterk. Zelfs als de moeder werkelijk dood is, dan nog is de kans groot dat haar jongen door andere vossen in de buurt geadopteerd worden.

Verder zijn het opportunisten: ze leven van wat zich ter plaatse het gemakkelijkst laat verschalken. Kleine knaagdieren (vooral woelmuizen) en haasachtigen (haas, konijn) vormen het hoofdmenu. Maar ook vogels, insecten, eieren, bessen, afgevallen fruit, aas en afval wordt gegeten. Per dag heeft een vos ongeveer vijfhonderd gram voedsel nodig.