Koppelen van konijnen

Na de eerste koppeling in het Knaagspoor gaan de gekoppelde konijnen bij jouw thuis verder aan elkaar wennen. Om de kans van slagen zo groot mogelijk te maken, hebben we de onderstaande informatie samengesteld. Mochten er desondanks vragen of problemen zijn, dan kun je natuurlijk altijd contact met ons opnemen op telefoonnummer 088 - 34 37 146 (doorschakelen Knaagspoor) op maandag t/m vrijdag van 13.00 – 16.00 uur en op zaterdag van 10.00 tot 16.00 uur.

Bij het koppelen van konijnen geldt dat er meer wegen zijn die naar Rome leiden. Geen koppeling verloopt bijna hetzelfde, omdat er zoveel karakters zijn en zoveel combinaties mogelijk. Was het maar zo makkelijk, dat je een hangoor met een hangoor koppelt of een Lotharinger met een Lotharinger en dan klaar, maar nee zo simpel is het niet.

We beschrijven hier twee manieren van koppelen, die het meest voorkomen binnen de opvang. De ene manier is de manier die wij uitleggen aan niet geoefende koppelaars en de andere kan gebruikt worden door mensen, die al meer ervaring hebben met het koppelen van konijnen. Bij beide manier is het heel belangrijk om te blijven kijken naar het gedrag van de konijnen, zodat je op tijd een beslissing kunt nemen om wel of juist niet in te grijpen.

De langzaamaan manier voor onervaren koppelaars

Konijnen zijn territoriale dieren. Het is daarom belangrijk om twee konijnen op neutraal terrein aan elkaar te laten wennen. Bij deze manier bouwen we de koppeling langzaam op , om problemen te voorkomen.

In het begin staan de twee hokken (met 10 cm ertussen) thuis naast elkaar, zodat de konijnen elkaar niet kunnen bijten, maar wel kunnen zien en ruiken. Zet een eventuele toiletbak zo ver mogelijk van het andere hok. Eten is een sociale bezigheid voor konijnen, dus zet de etensbakjes zo dicht mogelijk bij elkaar. Wissel de dieren elke dag van hok, zodat ze elkaars geur leren kennen en niet bezitterig op het eigen hok worden.

Het liefst 3-5 keer per dag koppel je de konijnen in een kleine neutrale ruimte, net zoals we in Het Knaagspoor hebben gedaan. Geschikte ruimtes zijn de badkamer, (bij)keuken of een afgezet stukje van de gang. Elke plek waar het eigen konijn nog nooit is geweest is goed, zodat je geen gevecht uitlokt. Koppel dus op neutraal terrein! Lukt het niet zo vaak, koppel dan zo vaak als het wel lukt.

Zet een afgesloten doos in de koppelruimte, zodat de konijnen ook even uit elkaars zicht kunnen om even rust te nemen. Doe geen open doos, want mochten ze daarin gaan vechten kun je ze moeilijk pakken. Bij je eerste date ga je uit eten, dus gooi een pluk hooi op de grond van de koppelruimte. Eten is zoals eerder benoemd een sociale bezigheid en kan een goede koppeling bevorderen. Je kunt ook koppelen op de tijd dat je ze gewoonlijk eten geeft. Let er dan wel op dat beide konijnen eten van de brokjes.

Rangorde bepalen

Als konijnen gekoppeld zijn, gaan ze onderling de rangorde bepalen. Als deze bepaald is zijn de konijnen gekoppeld. Het bepalen van de rangorde gaat op verschillende manieren. Het meest duidelijk is het op elkaar rijden. Dit heeft niets te maken met paren, een dominante voedster kan ook op een ram rijden tijdens een koppeling. Als het ene konijn aan het rijden is en de ander staat dat toe, dan hoef je ze niet uit elkaar te halen. Let er op dat het konijn niet verkeerd om, dus op de snuit van de ander, gaat rijden. Als het konijn verkeerd om zit, duw het dan zachtjes naar de zijkant zodat de kop van het andere konijn weer vrij komt. Dit is om te voorkomen, dat er gebeten wordt bij de geslachtsdelen van het konijn en de slagader die in de lies zit, met alle nare gevolgen van dien.

Naast rijden kunnen konijnen ook van elkaar “eisen” om gewassen te worden. Het dominante konijn legt dan zijn kop plat op de grond, vlak voor de kop van het andere konijn. Hiermee probeert het dominante konijn een wasbeurt af te dwingen.

Tijdens het koppelen, is het normaal dat de konijnen achter elkaar aan rennen, op elkaar rijden, etc. Dit hoort allemaal bij de rangordebepaling. Het is wel belangrijk dat geen van beide uitgeput raakt. Merk je dat één van de twee konijnen gestrest of uitgeput raakt, leid de konijnen dan even af of zet ze even een stukje uit elkaar.

Kort bij elkaar

Bij de eerste kennismaking/koppeling is het het beste de konijnen maar kort bij elkaar te laten. Hoe lang dit precies is, hangt af van hun gedrag. Wanneer de konijnen erg druk zijn en er veel gebeurd, is 10 minuten lang genoeg. Gaat het er vrij rustig aan toe, dan kun je 15-30 minuten koppelen. Laat ze zo mogelijk drie tot 5 keer per dag bij elkaar, met tussenpozen van steeds een paar uurtjes. Lukt dat niet, koppel dan in ieder geval minimaal 1 keer per dag. Blijf er steeds bij om goed in de gaten te houden hoe de koppeling verloopt en om te voorkomen dat er een gevecht ontstaat!

Vechten

Het is belangrijk dat je de konijnen niet laat vechten en beter nog dit probeert te voorkomen. Hiervoor moet je de signalen van agressie herkennen en op tijd oppikken. Tijdens de speeddate is daar al wat over verteld. Hier gaan we er ook nog even op in.

Er zijn verschillende soorten gevechten; om rangorde te bepalen of om aan te vallen. Bij het bepalen van rangorde kan het zijn dat beide konijnen dominant willen zijn en zich dus verzetten tegen het rijden van de ander. Ze ‘steigeren’ om het andere konijn van hun rug te krijgen of gaan bijten. Dit kan snel escaleren en in een gevecht uitmonden. Het is belangrijk om de konijnen dan even af te leiden of even een stukje uit elkaar te zetten om even tot rust te komen. Als het ene konijn aan het rijden is en de ander laat dat toe, dan is er geen reden om in te grijpen.

Het tweede soort gevecht, om aan te vallen, is veel feller en ontstaat ook sneller. Vaak liggen de oren plat naar achteren en staat het staartje helemaal omhoog. Let altijd op deze signalen tijdens de koppeling en leidt de konijnen af, wanneer je dit gedrag ziet ontstaan. Voorkomen is beter dan genezen. Als de konijnen de eerste kennismaking bij Het Knaagspoor hebben gehad en je koppelt thuis verder op neutraal terrein, is de kans op dit gevecht minimaal. Ontstaan er toch problemen? Neem dan contact op met Het Knaagspoor.

Vooruitgang

Wanneer de konijnen van vechten naar onverschillig gedrag naar elkaar gaan dan is er vooruitgang geboekt. Of beter nog, wanneer ze eerst onverschillig waren en nu nieuwsgierig, dan is er ook vooruitgang. Schijnbare onverschilligheid is geen teken van ongeïnteresseerdheid. Op deze manier peilen ze voorzichtig of ze elkaar kunnen vertrouwen. Let ook goed op tekenen van ontspannen zijn. Wassen ze zichzelf? Hoppen ze rond alsof alles normaal is? Eten ze? Zitten ze met hun rug naar de ander toe? Dan beschouwen ze het andere konijn niet als een bedreiging. Hoogstwaarschijnlijk zal de afstand tussen hen steeds kleiner worden, totdat ze ineens tegen elkaar aan gaan liggen en elkaar gaan wassen.

Als de konijnen nieuwsgierig naar elkaar zijn zullen ze aan elkaar gaan snuffelen. Misschien zal de één gelikt willen worden door de ander, en zijn kop omlaag doen. Het ene konijn kan het andere willen berijden. Het rijden op elkaar is, zoals eerder uitgelegd, zeer belangrijk en moet niet helemaal verhinderd worden, omdat het nodig is voor de bepaling van de rangorde. Als de rangorde eenmaal vastgesteld is, zal het rijden vaak verminderen. De konijnen zullen dan ook vaker tegen elkaar aan gaan liggen en elkaar om en om wassen.

Niet te snel zonder toezicht

Als de konijnen het goed met elkaar kunnen vinden, mogen ze steeds langer samen zijn en kan de koppelruimte groter worden. Toezicht is nog steeds nodig, want door schrik of opwinding kan een gevecht makkelijk losbarsten. Het vertrouwen tussen de konijnen is nog fragiel. Wanneer zij erg schrikken projecteren ze dat op de ander en kan de koppeling alsnog mislukken. Zorg daarom voor zoveel mogelijk rust tijdens de koppeling.

Laat de konijnen in de grotere ruimte ook samen eten en laat ook hier de kartonnen doos staan. Gaat dit een paar uur goed? Dan kun je ze af en toe kort alleen laten. Als dit goed gaat kunnen ze steeds langer alleen gelaten worden. Belangrijk is om de eerste tijd wel altijd in de buurt te blijven om een oogje in het zeil te houden.

Wanneer dit goed blijft gaan en de konijnen elkaar wassen, vaak tegen elkaar aanliggen en minder of zelfs niet meer rijden, kun je ze samen in 1 hok zetten. Hoe snel dit is, ligt aan de karakters van de konijnen. Sommige koppels moeten eerst een week op neutraal terrein gekoppeld worden, andere twee weken en sommige nog langer. Maar meestal zie je veel vooruitgang in de eerste week en wonen ze binnen twee weken samen, maar zoals in het begin vermeld is, elke koppeling is anders. Het is belangrijk om het hok waar ze samen in gaan wonen, goed schoon te maken voordat je ze erin zet. Geur is voor konijnen ontzettend belangrijk. Maak het hok daarom goed schoon met schoonmaakazijn. Dit neutraliseert de urinegeur en zal het hok neutraler terrein maken. Zet een ren om het hok heen en laat het hok open staan, zodat ze voldoende bewegingsvrijheid hebben en eruit kunnen springen. Blijf er nog minimaal een uur bij om zeker te zijn dat er geen gevecht ontstaat. Als dit toch gebeurt, haal ze snel maar rustig uit elkaar en ga wat langer door met koppelen op neutraal terrein.

Leg voordat je gaat koppelen een handdoek binnen handbereik of trek handschoenen aan. Mochten de konijnen gaan vechten, dan kun je ze snel uit elkaar halen zonder jezelf te bezeren. Vaak werkt het verbaal ingrijpen of in de handen klappen voldoende om de konijnen af te leiden, dus haal ze niet te snel helemaal uit elkaar.

koppeltje

De snelle manier voor ervaren koppelaars

De snelle manier is de manier waarop wij intern ook koppelen met onze dieren.

De konijnen worden uiteraard in een neutrale ruimte bij elkaar gezet en tenzij ze echt gaan vechten, worden ze niet meer uit elkaar gehaald. De reden dat we dit niet aan een onervaren koppelaar adviseren is, omdat je als begeleider van deze koppeling wel heel erg goed moet aanvoelen wanneer de spanning opbouwt en je de konijnen op tijd af moet leiden.

Let hierbij goed op de staartjes, oortjes, snelheid van bewegen, spanning in het lichaam en de algehele sfeer die er in de ren hangt.

Het voordeel van deze manier van koppelen is dat de konijnen eigenlijk in één keer de rangorde uitmaken en de koppeling dus veel sneller klaar is. Waarom doen we dit dan niet altijd zo? De reden hiervoor is, dat niet alle konijnen er aan toe zijn om zo snel te moeten gaan. Denk hierbij aan angstige konijnen of juist hele opdringerige konijnen. In die gevallen kun je beter kiezen voor de langzaamaan koppeling. Ook wanneer je niet heel goed de lichaamstaal van een konijn kunt “lezen” kun je beter rustig aan doen. Maar gaat het goed, dan is dit wel de beste manier van koppelen.

Er zit geen schot in...

Natuurlijk gebeurt het weleens dat er geen schot in de koppeling zit. De konijnen vinden elkaars aanwezigheid goed, maar worden niet intiem. Hier zou je eigenlijk een duwtje moeten geven. Er zijn wat trucjes voor om de konijnen intiemer te krijgen, zoals bijvoorbeeld verandering van locatie. Je kunt ze op een andere plek zetten, in een kleinere of grotere ruimte. Verandering van omgeving kan maken dat de konijnen dichter tegen elkaar aankruipen, omdat alles vreemd is. Je kunt ook rustig afwachten. Wanneer twee konijnen het goed met elkaar kunnen vinden en geen ruzie maken, groeien ze gaandeweg steeds meer naar elkaar toe. Het gebeurt vaak dat ze na verloop van tijd altijd elkaars gezelschap opzoeken, elkaar wassen, tegen elkaar slapen etc. Dit kan na een paar weken zijn, maar ook na een jaar. Ze hebben dan hun eigen tempo bepaald en daar is eigenlijk niets verkeerds aan.

Veel keutels

Vooral in het begin zul je veel keutels vinden. Op deze manier markeren wilde konijnen, die in verschillende kolonies (konijnenfamilies) wonen hun gebied. Zo weet de andere kolonie waar de grens ligt die ze niet mogen overschrijden. Dit gedrag wordt bij huis- of tuinkonijnen vaak ten onrechte gezien als een teken van niet zindelijk zijn. Als er een hekje tussen twee konijnen staat moet je niet verbaasd zijn als je hierlangs keutels vindt. Dit markeren gebeurt bij een afscheiding, of door de hele kamer als ze overal elkaars lucht kunnen ruiken. In het begin van het koppelen kunnen de konijnen zich als twee kolonies beschouwen en hun gebied willen markeren. Als de konijnen een stelletje zijn geworden verdwijnt dit gedrag meestal en gaan ze samen van één toilet gebruik maken. Denk bij een toilet overigens aan een zo groot mogelijke rechthoekige bak, waar beide konijnen in kunnen liggen. Een konijn chillt graag op de toilet.

Neem er de tijd voor!

Beide koppelingen kun je het beste doen, wanneer je de hele dag vrij bent en het liefst de dag erna ook, zodat je er veel tijd in kunt steken. Hoe rustiger jij bent tijdens de koppeling, hoe rustiger de koppeling waarschijnlijk verloopt. Breng jouw stress niet over op de konijnen.

Loop je ergens tegenaan, neem dan altijd contact met ons op. Zoals gezegd, er zijn meer wegen die naar Rome leiden en wij kunnen je met tips en tricks weer verder op weg helpen.

Succes!