Vogel in nood?

Je hebt een vogel gevonden. Wat nu? 

Voorkom onnodig ingrijpen. Niet in alle gevallen hoef je de vogel te helpen.
Lees daarom zorgvuldig de volgende informatie door, zodat je weet:
  1. of je de vogel kunt helpen,
  2. wanneer je beter niet kunt helpen,
  3. hoe je een vogel kunt helpen.

Wanneer kun je een vogel helpen?

In de volgende gevallen is een vogel bij onze wildopvang aan het juiste adres:
  • Als een vogel gewond is.
  • Als een nest jonge vogels op de grond is gevallen (bijvoorbeeld bij een zware storm of noodweer).
  • Als een vogel door een kat is gebeten.
  • Als een vogel tegen een raam gevlogen is en na enkele uren nog niet hersteld is. 

Als een vogel gewond is, breng hem dan (zelf of via de dierenambulance) naar onze wildopvang. (foto: Nico Kroon©)

Wanneer kun je beter niets doen?

In de volgende gevallen hoeven de vogels meestal niet naar de opvang:
  • Jonge vogels met veren. Jonge vogels verlaten het nest voordat ze goed en wel kunnen vliegen. Dit moeten ze allemaal nog leren. Hun ouders blijven dan in de beurt om hen te voeden. Tref je een jonge vogel aan op een open plek? Dan kun je deze het best naar een beschut plekje zo dicht mogelijk in de buurt brengen. Op die manier vinden de ouders hun jong weer terug, en zullen de zorg verder op zich nemen.
  • Eenoudergezinnen. Er zijn vogelfamilies waarbij één van de ouders verdwenen is. Een goed voorbeeld hiervan is de mees. Bij mezen is de overgebleven ouder bijna altijd in staat om al het benodigde voer voor de jongen aan te slepen. Dit betekent dat een mezenjong veel meer overlevingskansen heeft bij de ouders dan wanneer je deze mee zou nemen. Leg ook geen voedsel neer: hoe goedbedoeld ook, het werkt alleen maar averechts.
  • Jonge uilen. Jonge uiltjes worden niet zomaar takkelingen genoemd: ze zitten vaak in de omgeving van hun nest of broedhol op een tak. Af en toe valt een uilskuiken tijdens zo’n uitstapje een takje te ver naar beneden. Als ze dan op de grond belanden, klauteren ze weer vrolijk naar boven of ze blijven tijdelijk op de grond zitten. Je kunt zo’n uil prima laten zitten: op het moment dat het etenstijd is (voor een uil is dat ’s nachts), bedelt hij met zijn geroep zo hard om eten dat zijn ouders hem feilloos weten te vinden. 

Een jonge uil is heel goed in staat om zijn ouders weer bij zich te roepen als het nacht (etenstijd) is. 

Hoe kun je een vogel helpen?

  • Noteer de vindplaats.
  • Maak een (liefst niet al te grote) doos klaar voor gebruik: op de bodem wat kranten of een oude doek, met enkele luchtgaten in het deksel voor ventilatie.
  • Pak het dier eventueel met een doek op om het in de doos te krijgen. Wees voorzichtig met vogels zoals reigers, zij hebben scherpe snavels en klauwen. Soms zijn ze, ook als ze ziek zijn, razendsnel.
  • Zet de doos op een rustige, niet al te warme of koude plek. Plaats de doos bij voorkeur buiten in de schaduw (mits het niet vriest). Rust is belangrijk, veel vogels ondervinden stress van de aandacht van mensen. Ze raken dan in shock en kunnen sterven!
  • Geef het dier géén eten of drinken. Brood is schadelijk voor de meeste vogels, met name als ze niet in orde zijn. Voor jonge vogels is brood zelfs dodelijk. Zij kunnen dit voedsel niet verteren. Melk kan voor alle vogels dodelijk zijn. Ze krijgen er darmonstekingen en diarree van. Druppel ook geen water in of langs de snavel: veel vogels verslikken zich gemakkelijk en kunnen daardoor een dodelijke longonsteking oplopen.
  • Breng de vogel zo snel mogelijk naar de opvang of laat dit doen door de dierenambulance. Je kunt bij ons 24 uur per dag een vogel komen brengen. Niemand aanwezig? Dan kun je de vogel in onze blokhut bij de voordeur achterlaten.

Wees voorzichtig bij het oppakken van een vogel. Ze kunnen vliegensvlug zijn en hun snavels en klauwen zijn behoorlijk scherp.