MKZ-risico? Gesleep met jonge dieren aan banden

Minister lijkt bewust van urgentie Duitse uitbraak, maar er is meer nodig

De Dierenbescherming is geschrokken van de MKZ-uitbraak in het Duitse Brandenburg. Hoewel MKZ (mond-en-klauwzeer) lange tijd als iets uit het verleden werd beschouwd, blijkt nu hoe kwetsbaar de veehouderij is voor dit soort ziekten. We vinden het dan ook een extra aanleiding om te stoppen met de langeafstandsritten van kalveren.

Lisanne Stadig

Door: Lisanne StadigProgrammamanager veehouderij

MKZ-risico? Gesleep met jonge dieren aan banden

Op een bedrijf met waterbuffels in het Duitse Brandenburg is enkele dagen geleden mond-en-klauwzeer ontdekt. Het is voor het eerst in decennia dat in Duitsland de ziekte is vastgesteld en in Nederland gingen de herinneringen al snel terug naar de MKZ-crisis van 2001, toen een uitbraak zo’n 300.000 dieren het leven kostte door preventieve ruimingen. Het is een litteken op de ziel van de veehouderij in Nederland en die van dierenvrienden, en herhaling moet dan ook uit alle macht worden voorkomen.

Meer nodig dan vaccins en onderzoek

We zijn dan ook blij dat minister Wiersma (LVVN) zich bewust lijkt van de ernst van de situatie en – naast grondige onderzoeken – vaccins heeft besteld. Een eerste levering van 100.000 vaccins is onderweg, en het ministerie kan nog veel meer doses bestellen. Het is fijn om vanuit het ministerie deze urgentie te zien, en we hebben vertrouwen in de inspanningen van de Nederlandse en Duitse autoriteiten om de MKZ-uitbraak in te dammen maar wat de Dierenbescherming betreft is er meer nodig. Want deze keer lijken er geen besmette dieren in Nederland terechtgekomen (de onderzoeken hiernaar lopen nog), maar iedere transportbeweging met levende dieren is in feite een risico.

Transporten risico voor dierenwelzijn en verspreiding

We hebben ons natuurlijk al langer kritisch uitgelaten over de langeafstandsritten van kalveren, die jaarlijks vele duizenden jonge dieren over grote afstanden naar andere landen transporteren. Deze transporten vormen een risico voor zowel het dierenwelzijn als de verspreiding van ziektes zoals MKZ. In 2024 werden bijvoorbeeld 700.000 kalveren naar Nederland geïmporteerd. Dit is niet alleen een probleem voor het dierenwelzijn, maar ook een groot risico voor de dier- en volksgezondheid, zeker waar het gaat om lange-afstandstransporten uit bijvoorbeeld Ierland. De Dierenbescherming stelt voor om als eerste stap een verbod in te stellen op lange transporten van jonge dieren die langer dan acht uur duren. Daarnaast zou de minimumleeftijd voor kalveren die op transport gaan moeten worden verhoogd, zodat ze sterker en minder vatbaar voor ziektes zijn wanneer ze worden vervoerd.

Kalveren niet meer verplaatsen

We roepen de overheid en de Europese Unie dan ook op om deze praktijken sterk aan banden te leggen. De huidige uitbraak benadrukt opnieuw hoe gevaarlijk deze lange ritten zijn. Als een dierziekte zich over zo’n lange afstand verspreidt, wordt de crisis veel groter. Op de korte termijn moeten de lange transporten van kalveren stoppen, maar ook op de lange termijn moet er gekeken worden naar de structuur van de Nederlandse rundveehouderij. Kalveren zouden minimaal drie maanden bij de moederkoe op het melkveebedrijf moeten blijven voordat ze worden getransporteerd. Uiteindelijk zou het ideaal zijn als kalveren niet meer worden verplaatst, maar op het bedrijf waar ze geboren zijn verder kunnen opgroeien.

Voor dierenwelzijn in de wet

Wij lobbyen om dierenwelzijn te verankeren in de wet. Door goede kaders, voorkom je immers dierenleed in bijvoorbeeld de vee-industrie en bij dieren in het wild. We lobbyen op landelijk niveau, maar ook in Europa, bij de provincies en gemeenten.

Dierenwelzijn in de politiek Alle dossiers