Kans op stalbranden neemt toe
Vertragingstactiek vergroot risico op stalbrand
Op 15 oktober 2025 werden de conceptcriteria gepresenteerd voor de Brandveiligheidswijzer Veehouderij die eind dit jaar gereed moet zijn. Maar voordat deze wijzer daadwerkelijk wordt ingezet, wil minister Wiersma dat er proefkeuringen worden uitgevoerd. Deze proefkeuringen richten zich niet per se op de impact op de brandveiligheid van stallen, maar op de impact (inclusief financiële gevolgen) voor veehouders.
Door: Marjolein van HuikBeleidsmedewerker Veehouderij


Aan de hand van de uitkomst, bekijkt de minister of de Brandveiligheidswijzer echt wordt ingezet om stallen brandveiliger te maken.
De Dierenbescherming roept al sinds 2008 op tot het terugdringen van het aantal stalbranden. In 2021 werd de Dierenbescherming hierin ondersteund door de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV). Hierop heeft het ministerie van Landbouw zich als doel gesteld dat in 2026 het aantal dodelijke dierlijke slachtoffers per sector in 2026 moest zijn gehalveerd ten opzichte van 2020.
Nog altijd onvoldoende maatregelen tegen stalbranden
Helaas zijn concrete maatregelen om dit doel te halen daarna uitgebleven. Veel tijd wordt besteed aan het doen van onderzoek. Vooral naar de proportionaliteit en de financiële gevolgen van maatregelen, maar niet naar het effect op brandveiligheid van de maatregelen. En zolang deze onderzoeken lopen, worden geen maatregelen ingevoerd.
In 2021 stelde de OvV al vast dat de aanpak van stalbranden wordt gedomineerd door bedrijfseconomische afwegingen. In 2023 moest de OvV concluderen dat haar aanbevelingen uit 2021 grotendeels nog niet waren opgevolgd. Anno 2025 is er nog niet veel veranderd. Het gevolg van deze vertraging is dat de kans op een stalbrand alleen maar toeneemt.
Sinds 2014 wordt data over stalbranden bijgehouden in de Risicomonitor Stalbranden. Voor een schadestatistiek is een periode van 10 jaar natuurlijk zeer beperkt. Maar een vergelijking tussen 2020 en 2024 leert dat in 2020 er 54 stalbranden met 108.794 dodelijke slachtoffers waren. In 2024 waren er 43 branden met 62.790 dodelijke slachtoffers. Dat is een afname van respectievelijk 20% en 42%. Echter: in vergelijking tot het jaar 2014 (32 stalbranden met 35.404 slachtoffers) is het aantal stalbranden en slachtoffers in de laatste tien jaar juist met resp. 31% en 44% gestegen.
Het aantal dierlijke slachtoffers van een stalbrand hangt sterk af van het aantal dieren dat op het getroffen bedrijf wordt gehouden. Het maakt dus erg veel uit of een stalbrand uitbreekt op een melkveebedrijf of op een pluimveebedrijf. Over de jaren 2014-2024 varieerde het aantal dierlijke slachtoffers tussen 6.915 tot 230.906 dieren (met gemiddeld ca. 110.000 dierlijke slachtoffers per jaar). Per jaar varieert het aantal dierlijke slachtoffers dus enorm. Puur door de pech, of de mazzel, dat in een jaar wel of geen stalbranden plaatsvinden bij pluimveebedrijven.
Wat bovenstaande cijfers níét laten zien, is dat in de periode 2014-2024 het aantal bedrijven fors is gedaald. Het aantal graasdierbedrijven (bedrijven met runderen, paarden, schapen of geiten) is met ruim 15% afgenomen. Het aantal hokdierbedrijven (bedrijven met varkens of pluimvee) is in die periode met 34% gedaald. Het aantal stalbranden is in die periode echter niet evenredig gedaald. Uit de Risicomonitor Stalbranden blijkt namelijk:

Kortom, in de laatste 10 jaar is de kans op een stalbrand anderhalf tot bijna twee keer zo groot geworden.
Aandachtspunten risico's stalbranden
Met de afname van het aantal bedrijven zou je verwachten dat de oude, niet-toekomstbestendige bedrijven zijn gestopt. En dat de bedrijven die nog steeds bestaan de nieuwere, modernere bedrijven zijn. Omdat sinds 1 april 2014 strengere eisen gelden voor brandveiligheid voor de stallen die sindsdien nieuw zijn gebouwd of zijn verbouwd, zou je zeker geen toename van de kans op stalbrand verwachten. Er zijn echter een aantal kenmerken en ontwikkelingen die de vergroting van de kans op een stalbrand in de hand werken:
