Je zult maar een (plof)kip zijn…

Afgelopen week zijn er in verband met de vogelgriep ruim 200.000 (!) kippen gedood op boerderijen in Hekendorp (Utrecht), Ter Aar (Zuid-Holland) en Kamperveen (Overijssel). Hiermee begint de vogelgriep de proporties van een nationale dierziekteramp te krijgen. En het is wel duidelijk wat het lot is van de dieren op deze boerderijen.
Dierenbescherming

Door: Dierenbescherming Directie

Je zult maar een (plof)kip zijn…

Bij de laatste grootschalige uitbraak van vogelgriep in 2003 werden op meer dan 1.000 boerderijen ruim 30 miljoen kippen, eenden en kalkoenen gedood en vernietigd. Er zitten anno nu in Nederland op circa 2.000 pluimveebedrijven 142 miljoen kippen. Over de nu al weer 200.000 gedode dieren wordt, terecht, breeduit bericht in het nieuws. Waar minder aandacht voor is, zijn alle dieren die in de slipstream van zo’n uitbraak ook getroffen worden.

Vogelgriep: allemaal afgemaakt

Dagelijks worden er meer dan 2 miljoen kuikens geboren op kuikenboerderijen. Normaliter worden ze snel na hun geboorte vervoerd naar een kippenboerderij om hun (ultrakorte) leven als vleeskip te slijten, of een wat langer leven als legkip. Export naar het buitenland mag onder strenge voorwaarden nog wel, maar Nederlandse stallen met deze kuikens vullen is niet meer toegestaan tot de dierziektecrisis voorbij is. Je kunt je voorstellen dat er door deze enorme aantallen bij een vervoersverbod al gauw een overschot aan kuikens ontstaat op de boerderij. Er is daar geen ruimte en voedsel om zoveel kuikens te houden. Gevolg: ook deze dieren moeten na één, hooguit drie dagen allemaal worden afgemaakt. Of, zoals dat eufemistisch wordt genoemd, geruimd.

Onbeschrijflijk dierenleed

Een ander punt van zorg ligt bij de plofkippen. Die zitten altijd al met veel te veel op een vierkante meter, maar probeer je even voor te stellen wat er gebeurt als ze niet ‘op tijd’ naar een slachterij gaan. Een plofkip leeft krap 6 weken en groeit in die tijd zo hard dat skelet en organen het niet kunnen bijhouden en hij door zijn poten zakt. Als ze niet naar het slachthuis mogen, leidt dat tot nog meer leed. De dieren groeien in razend tempo door, maar de ruimte waarin ze zitten en de draagkracht van hun poten worden er niet groter op.

In een crisissituatie als deze kan onmogelijk alles op rolletjes lopen. Er was onduidelijkheid over het wel of niet uit mogen rijden van dierenambulances, omdat verschillende overheidsorganen niet met één mond spraken. Er zijn door onze medewerkers heel wat telefoontjes gepleegd om dit opgehelderd te krijgen. Gelukkig is er nu duidelijkheid.

Dierenwelzijnscommissie

Door de inzet van de Dierenbescherming mogen ernstig zieke of gewonde wilde vogels en vogels van hobbydierhouders buiten de 10 kilometer zones rond besmette bedrijven door de dierenambulance naar de dierenarts worden gebracht. Vogels die medische zorg behoeven, uit de opvangcentra of van particulieren, hebben toestemming nodig van een dierenarts om naar een dierenkliniek te worden gebracht. Ook heeft de Dierenbescherming tijdens een bijeenkomst van een speciaal ingericht crisisteam bij de overheid aangedrongen op een onafhankelijke dierenwelzijnscommissie om er zeker van te zijn dat het doden van de dieren op zorgvuldige wijze gebeurt. Deze commissie is inmiddels aangesteld.

Schrijnend

Laten we wel zijn. Niemand wordt blij van de vogelgriep. Het veroorzaakt veel dierenleed en ellende voor de betrokken boeren. Er is geen enkele kippenhouder die met droge ogen toekijkt hoe zijn dieren worden gedood. En bovendien kan vogelgriep gevaarlijk zijn voor mensen. Des te schrijnender is het daarom dat het preventief vaccineren, wat al sinds 2007 in de EU is toegestaan, niet wordt toegepast. Waarom niet? Enerzijds omdat het lastig is om de miljoenen kippen, eenden en kalkoenen stuk voor stuk in te enten. Het grootste struikelblok is echter dat het onze export weleens zou kunnen beïnvloeden. Met name de Duitse markt is huiverig om vlees en eieren van gevaccineerd pluimvee te importeren. Ook staatssecretaris Sharon Dijksma bevindt zich in een lastige situatie, en is genoodzaakt om vervelende beslissingen te nemen. Maar het is nodig om deze crisis te bezweren.

Goed vaccin móet er komen!

Ter voorkoming van nog meer ziek pluimvee moet deze vogelgriepuitbraak nu bestreden worden. Als de crisis straks voorbij is, zullen wij de discussie met de pluimveesector en de Nederlandse overheid en de Europese Unie aangaan over het nemen van maatregelen om dit soort crises in de toekomst te voorkomen. Vogelgriep zal steeds weer terugkomen, we kunnen niet maar pluimvee blijven doden en vernietigen. Er moét een goed vaccin komen. Ik hoop van harte dat de internationale markt open gaat staan voor het preventief toepassen van dit vaccin en dat Nederland massaal in opstand komt tegen het harteloze beleid dat nu gevoerd wordt. Het op deze schaal blootstelle