Veel zuivelproducten nog steeds van stalmelk

De meeste zuivelproducten in de supermarkt zijn nog steeds gemaakt van stalmelk, maar het aanbod diervriendelijkere alternatieven neemt wel toe. Bij huismerkkaas wordt nu in de helft van de gevallen alleen melk gebruikt van koeien die weidegang hebben gehad. Dat blijkt uit een analyse van de Dierenbescherming die vandaag verschijnt ter gelegenheid van een bijeenkomst van het Convenant Weidegang in Den Haag.
Veel zuivelproducten nog steeds van stalmelk

Het aanbod van weidezuivelproducten onder huismerken van supermarkten is van 25% in 2015 gestegen naar 34% in 2017. De toename van het aanbod van weidezuivelproducten van fabrikanten met merken zoals Danone en Nestlé gaat minder hard: van 22% in 2015 naar 26% in 2017. Eenzelfde ontwikkeling zie je bij kaas: de huismerken gaan van 22% in 2015 naar 50% in 2017, terwijl dit bij de merkkazen in supermarkten veel minder is: van 15 % naar 18 %.

Percentage weidezuivel omhoog

Het Convenant Weidegang werd in 2012 door 65 organisaties ondertekend om de teruglopende weidegang van koeien om te buigen. De Dierenbescherming heeft zich met de ondertekening van het convenant onder meer vastgelegd om consumenten te stimuleren te kiezen voor weidezuivelproducten. "Maar dan zal de verkrijgbaarheid van weidezuivel echt verder omhoog moeten", zo stelt programmamanager veehouderij Bert van den Berg van de Dierenbescherming, die het rapport ‘Zuivel? Alleen van koeien in de wei!’ vandaag presenteerde.


Rapport 'Zuivel? Alleen van koeien in de wei!'


Door onder andere schaalvergroting komt inmiddels 35% van de koeien nooit meer buiten. Deze dieren staan jaarrond op stal met alle welzijnsproblemen van dien. Een koe die buiten komt, is gezonder dan haar stalgenoten die te maken hebben met krappe ligboxen en gangpaden. Koeien kunnen in de wei hun natuurlijke gedrag vertonen zoals grazen en hebben minder last van slijt-, druk- en doorligplekken en van pijnlijke klauwontstekingen. Leed dat veroorzaakt wordt door permanent verblijf in een krappe stal met harde ondergrond.

Het nieuwe kabinet heeft bij haar aantreden tot spijt van de Dierenbescherming aangegeven niet over te willen gaan tot verplichte weidegang ondanks het feit dat de Tweede Kamer daartoe in 2017 nog wel in een motie op heeft aangedrongen. De regering vindt wel dat het aantal weidende melkveebedrijven in 2020 weer op het niveau van 2012 moet zitten. De vorige regering stelde zich op het standpunt dat in 2020 weer 80% van de koeien weidegang moet krijgen. Hoe dan ook staat te bezien wat de overheid gaat doen als het doel voor 2020 niet gehaald wordt.

Hoewel het aantal koeien per bedrijf steeds groter wordt, 150 of meer koeien is geen uitzondering meer, geldt dat niet voor de beschikbare weilanden. "Er zijn tal van initiatieven ontwikkeld in de afgelopen 15 jaar om dit tij te keren, maar de macht van de consument wordt nog onvoldoende benut", stelt Bert van den Berg van de Dierenbescherming.

Andere mogelijkheden op eigen grond

Hoewel melkveehouders veelal voorstander zijn van weiden, twijfelen ze nogal eens of ze ermee door moeten gaan. Zo hebben veel veehouders net koeien naar het slachthuis moeten sturen vanwege de fosfaatreductieregels en zoeken ze inkomsten om dit te compenseren. Het is dan aantrekkelijk om grond te verhuren voor bijvoorbeeld de bollenteelt of om zelf gewassen te telen in plaats van gras om de koeien op te weiden.

De Dierenbescherming denkt dat de consument uiteindelijk de sleutel in handen heeft om de trend te keren dat de koe meer en meer verandert in een altijd op stal staande melkmachine. "Maar dan moet hij wel de keuze hebben", benadrukt Van de Berg. Het grootste deel van de Nederlandse zuivel is bestemd voor de export. Het is dan ook goed te zien dat op onze belangrijkste afzetmarkt, Duitsland, ook steeds meer vraag naar weidezuivel ontstaat.

Volgens de Dierenbescherming is het mooi dat bedrijfsleven en overheid boeren stimuleren hun koeien te weiden, maar is dat onvoldoende om de voortschrijdende teloorgang van weidegang in Nederland te doorbreken. De beste stimulans is een ruim aanbod van weidezuivelproducten. Zuivelproducenten en retail moeten dat organiseren, zo vindt de Dierenbescherming.