Iedereen is verplicht een dier in nood te helpen. Een dier in nood kan bijvoorbeeld vergiftigd of verwond door een ongeluk zijn. Eerste hulp moet dan direct worden verleend. Eerste hulp is de allereerste verzorging van een dier in nood. In de meeste gevallen zul je zelf moeten handelen om het leven van het dier te redden en het dan zo spoedig mogelijk naar een dierenarts te brengen.
Onderkoeling kan zich voordoen als een huisdier bij abnormaal koud en winderig weer te lang buiten is. Weinig beschermde lichaamsdelen, zoals de oorranden en de voetkussentjes, kunnen dan bevriezen. Bij onderkoeling reageert het lichaam door de kleine haarvaatjes in het lichaam samen te trekken, om extra warmteverlies te voorkomen. De roze huid wordt dan wit.

Spoedhulp

  • Is het dier inderdaad blootgesteld aan hevige kou? Breng het dier snel weer op temperatuur door het dier in een warm bad (39°C - 41°C) te dompelen;
  • Verwarm plaatselijke bevriezingen door ze in vochtige warme doeken in te pakken. Let op dat je niet te snel of te veel warmte toevoert;
  • Zorg ervoor dat het dier zo snel mogelijk door een dierenarts behandeld kan worden
  • Is het niet jouw dier? Bel de dierenambulance!
Als een dier een (bot)breuk heeft, is de kans groot dat dit door een aanrijding komt. Eerste hulp bij fracturen heeft als doel verdere schade te voorkomen. Bij een gesloten fractuur is het bot gebroken, maar de huid nog intact. Behandel zo’n breuk heel voorzichtig, omdat de botuiteinden het weefsel rond de breuk verder kunnen beschadigen. Een eerstehulpverlener mag nooit het bot proberen op z’n plaats te zetten. Zorg er juist voor dat de situatie blijft zoals je het hebt aangetroffen. Wil je de breuk stabiliseren met een spalk? Dan is het belangrijk dat er geen verschuivingen plaatsvinden.

In ernstige gevallen steekt het bot door de huid. Een open fractuur is zeer gevoelig voor besmetting en de kans op infectie is dan ook zeer groot. Dek de wond steriel af.

Spoedhulp

  • Steken er botten naar buiten? Raak ze nooit aan! En probeer ze zeker niet terug te duwen of recht te zetten;
  • Houd het dier zo stil mogelijk, beweeg zo min mogelijk;
  • Bedek bij een open fractuur de botuiteinden eventueel met een steriel gaasje
  • Probeer eventueel een noodspalk aan te brengen, maar zorg ervoor dat de breuk niet beweegt;
  • Is het niet jouw dier? Bel de dierenambulance of de dierenarts. Is het wel jouw dier? Bel de dierenarts.
Epilepsie (een toeval) is een plotseling optredend, maar tijdelijk bewustzijnsverlies, gepaard gaande met hevige onwillekeurige samentrekkingen van de skeletspieren. Meestal ontwikkelt het dier veel speeksel en laat het de urine lopen.

Spoedhulp

  • Zorg ervoor dat het dier zich tijdens de aanval niet kan verwonden;
  • Leg het dier op de zij;
  • Wacht tot het dier weer bij bewustzijn komt;
  • Laat het dier na de aanval op een rustige, donkere plek verder bijkomen;
  • Kan het dier weer staan? Geef het dan wat water. Let op: geef nooit water als het dier nog niet kan opstaan;
  • Raadpleeg de dierenarts. Is het niet jouw dier? Dan kun je ook de dierenambulance bellen.

Beademen

  • Leg het dier op de rechterzijde (op een stevige ondergrond) en strek kop en hals naar voren (in èèn lijn met de wervelkolom);
  • Trek de tong uit de bek en kijk of er niets in de keel zit;
  • Plaats nu twee handen op de zijkant van de borstkas (nabij de laatste rib) en druk de borstwand 30 tot 50 maal per minuut stevig in;
  • Laat na elke drukbeweging snel los;
  • Bij kleine dieren (zoals katten) handel je ongeveer op dezelfde manier, maar dan leg je beide handen plat op de ribben onder het linker schouderblad.

Mond-op-neus-beademing

  • Maak de ademweg vrij: strek de kop/nek (in lijn met de wervelkolom), trek de tong naar buiten en verwijder slijm, bloed en eventueel vreemde voorwerpen;
  • Houd de bek van het dier goed open;
  • Heeft het dier een halsband om? Doe de halsband af;
  • Zorg dat de hals van het dier nog steeds gestrekt is;
  • Omvat met twee handen de bek inclusief lippen. Zorg dat de lippen goed aaneengesloten zijn;
  • Plaats je mond goed sluitend over de neus;
  • Blaas rustig in de neus. Pas de kracht en het tempo aan op het formaat van het dier;
  • Kijk bij het inblazen naar de borstkas. Klopt het dat de borstkas uitzet?
  • Als je stopt met inblazen en als je de neus vrijgeeft, hoort de borstkas kleiner te worden.

Hartmassage

  • Soms kan bij een hartstilstand de werking van het hart hersteld worden door tweemaal kort met je vuist een korte klap te geven op de borstkas, vlak achter het schouderblad;
  • Hartmassage moet altijd gecombineerd worden met mond-op-neus-beademen; het is dus teamwork!

 

Durf je het niet aan? Bel met spoed de dierenambulance of dierenarts.
Een dier raakt bevangen door warmte, als de temperatuur en de vochtigheidsgraad in zijn omgeving zo hoog zijn dat zijn lichaam de normale temperatuur niet meer kan handhaven. Hijgen of transpireren om de lichaamstemperatuur te verlagen heeft dan geen effect meer en uiteindelijk bezwijkt het dier. Het komt het meest voor bij honden die in de zomer in een auto worden achtergelaten. Er is dan lang niet altijd sprake van achteloosheid; de afwezigheid kan langer duren dan gepland en een auto kan pas later in de volle zon komen te staan. Zo’n auto raakt binnen een paar minuten al oververhit!

 

Verschijnselen: Hoge lichaamstemperatuur (boven de 41,5°C), snel hijgen, overvloedig kwijlen, tong en lippen hebben een zeer rode kleur, braken, diarree. Uiteindelijk raakt het dier in coma.
Let op! Dit is een levensbedreigend spoedgeval!

Spoedhulp

  • Haal het dier zo snel mogelijk uit de warme omgeving;
  • Verlaag de lichaamstemperatuur zo snel mogelijk, met behulp van lauw water. Zet het dier onder de douche of in een sloot (laat het dier langzaam in het water zakken);
  • Ga hiermee door tot de temperatuur tot onder de 39°C is gezakt (neem de temperatuur altijd rectaal op. De normale temperatuur van een hond en kat is 38°C tot 39°C;
  • Vervoer het dier zo snel mogelijk naar de dierenarts.
Een maagtorsie is een plotseling optredende aandoening bij vooral grote hondenrassen, vaak van middelbare en hogere leeftijd, maar kan ook bij kleinere rassen, zoals teckels, voorkomen.
Overvulling van de maag kan veroorzaakt worden door:
  • Een zenuwstoring (storing voedselvertering en maaglediging);
  • Het 'slikken van lucht' door buikpijn en misselijkheid (door soort ventielwerking van de maagingang kan de lucht wel naar binnen maar niet meer terug);
  • Door wilde bewegingen van de hond met een volle maag, waardoor deze kantelt en er een afsluiting ontstaat. Omdat het voedsel in de volle maag gaat gisten ontstaat er gasvorming en zwelling van de maag;
  • Ook een combinatie van genoemde factoren is mogelijk.
Door de enorme omvang van de maag raken de organen in de verdrukking, krijgt de hond moeite met ademhalen en raakt hij in shock.

Spoedhulp

Vervoer het dier zo snel mogelijk naar de dierenarts.

Soms komt het voor dat de hele oogbol uit de oogkas stulpt. Met name bij honden- en kattenrassen met een korte snuit komt dit nog al eens voor (o.a. pekinees). Zo'n oogluxatie kan ontstaan door een ongeval of tijdens een gevecht, ook opwinding of een te stevige greep in het nekvel kan de oorzaak zijn.

Spoedhulp

  • Probeer het oog terug in de oogkas te krijgen door aan beide oogleden te trekken;
  • Houd het oog vet en vochtig (met behulp van slaolie/melk);
  • Zorg ervoor dat het oog niet beschadigt en ga zo snel mogelijk naar een dierenarts.
Bij shock is er sprake van een verstoring van de bloedsomloop, waardoor er een plotselinge daling van de bloeddruk optreedt. De doorbloeding van het weefsel vermindert en er ontstaat zuurstofgebrek. Hierdoor verdeelt het lichaam het bloed selectief, waarbij vitale organen als het hart, de hersenen en ademhalingsspieren wel worden voorzien van bloed, maar de rest van het lichaam veel minder.
Dit is een levensbedreigende situatie en vereist onmiddellijk ingrijpen!

 

Een dier kan onder meer in shock raken door ernstig bloedverlies bij inwendig of uitwendig letsel of door uitdroging ten gevolge van veelvuldig braken en/of diarree. Daarnaast kan het niet functioneren van het hart een shock teweeg brengen, of een allergische reactie (anafylactische shock) dan wel een bloedvergiftiging na een infectie (septisch shock).

Spoedhulp

  • Laat het dier liggen en zorg ervoor dat de kop iets lager ligt dan de rest van het lichaam. Hiermee zorgen we ervoor dat de bloedtoevoer naar de hersenen zoveel mogelijk doorgang kan vinden. De huid van een dier in shock krijgt maar weinig bloedtoevoer en zal snel afkoelen. Bedek het dier daarom met een deken, jas of ander warm materiaal;
  • Verwijder strak zittende voorwerpen, zoals halsbanden;
  • Behandel eventueel letsel;
  • Geef de patiënt niet te drinken, ook al is het dier bij bewustzijn. Dit kan namelijk tot gevolg hebben dat er bloed richting het spijsverteringskanaal stroomt en niet naar de vitale organen;
  • Zorg ervoor dat het dier zo snel mogelijk bij een dierenarts komt.
Bij een slagaderlijke bloeding spuit het bloed met kracht en tussenpozen uit de slagader. Het bloed is zuurstofrijk en daarom helderrood van kleur. Bij een slagaderlijke bloeding treedt er in korte tijd veel bloedverlies op, waardoor de bloeddruk daalt. Zodra meer dan een derde deel van het bloed is verloren, is er sprake van een levensbedreigende situatie! Het is daarom noodzakelijk om zo snel mogelijk het bloeden te stelpen. Dit kan men op onderstaande manieren doen. Het is daarbij van belang dat het lichaamsdeel met de bloeding altijd hoger ligt dan de rest van het lichaam.

Spoedhulp

  • Oefen druk uit op de plaats waar de bloeding het hevigst is, ook tijdens het vervoer naar de dierenarts. Gebruik steriele gaasjes, maar als deze niet voorhanden zijn, kunnen ook doeken of zelfs blote handen gebruikt worden. Primair is dat er zo min mogelijk bloed doorsijpelt. Houd de wond nooit langer dan een uur dichtgedrukt en kijk na elke 15 minuten of het bloeden al is gestopt;
  • Tracht de bloeding te stoppen door de aanvoerende slagader met de vingers stevig dicht te drukken. Druk de slagader dicht tegen het onderliggende bot;
  • Leg een tourniquet aan bij een slagaderlijke bloeding aan poten of staart. Let op! Dit mag alleen als de voorgaande manieren geen effect hebben gehad. Sla een reep stof of verband om het lichaamsdeel. De tourniquet moet altijd tussen het hart en de bloeding worden geplaatst, zodat het altijd boven de wond zit. Draai met behulp van een stokje of pen de tourniquet aan totdat het bloeden stopt. Controleer iedere vijf minuten of het bloeden is gestopt door het tourniquet iets los te draaien. Als de bloeding is gestopt, dek dan de wond af met een steriel gaasje, zodat er geen vuil in de wond kan komen. Let op! Een tourniquet mag nooit langer dan één uur toegepast blijven;
  • Neem ondertussen contact op met de dierenarts.
Bij vergiftigingen kunnen ziekteverschijnselen zeer snel optreden. Bij een acute vergiftiging kan alleen snel ingrijpen een leven redden.

Spoedhulp

Indien de giftige stof BEKEND is:
  • Verwijder het gif uit de bek;
  • Spoel de bek met lauwwarm water;
  • Spoel zichtbare resten gif weg met veel water. Als het oog in aanraking is geweest met het gif, moet ook dit gespoeld worden met veel water;
  • Raadpleeg het Nationaal Vergiftigingen Informatiecentrum; www.vergiftigingen.info;
  • Voorkom verdere opname van het gif door het lichaam van het dier;
  • Raadpleeg een dierenarts. Neem de verpakking of de giftige stof mee.

 

Indien de giftige stof NIET BEKEND is:
  • Verwijder een knellende halsband;
  • Verwijder braaksel en andere inhoud uit de bek;
  • Geef het dier veel water, tenzij het een verminderd bewustzijn heeft;
  • Spoel zichtbare resten gif weg met veel water. Als het oog in aanraking is geweest met het gif, moet dit uitgespoeld worden met veel water;
  • Wikkel het dier in een deken;
  • Raadpleeg direct de dierenarts.
Let op: ernstige bloedingen (zeker slagaderlijke bloedingen) zijn levensbedreigend en moeten meteen behandeld worden. Veel bloedverlies kan shock opleveren en binnen enkele minuten de dood ten gevolge hebben.

Spoedhulp

  • Reinig en ontsmet de wond;
  • Dek eventueel de wond af met gaas;
  • Fixeer eventueel de wond;
  • Raadpleeg de dierenarts voor verdere behandeling.
  • Zie je de angel zitten? Verwijder de angel;
  • Dep de steekplaats met azijn. Azijn voorkomt huidirritaties en een eventuele zwelling;
  • Blijft de beetplek zwellen en/of voelt het dier zich ziek? Raadpleeg de dierenarts.
  • Breng koude kompressen of een ijszak aan, of houd het betreffende lichaamsdeel onder de koude kraan;
  • Koel minimaal 10 minuten;
  • Wordt de zwelling niet minder? Lijkt het zelfs erger te worden? Raadpleeg de dierenarts.