Hoop en vrees tijdens muskusrattendiscussie in Waterschap Amstel, Gooi en Vecht

Femmie Smit Door Femmie Smit Programmamanager In het Wild Levende Dieren 24 april 2019

Ik had het genoegen om tijdens een beeldvormende sessie voor waterschapsbestuurders van Amstel, Gooi en Vecht (AGV) in 3 minuten tijd op te komen voor de muskusrat. Dit diertje wordt met klemmen en verdrinkingsvallen gedood, om zo schade aan onze kwetsbare waterkeringen te voorkomen.

De Dierenbescherming pleit er al jaar en dag voor om niet het dier, maar de waterkering aan te pakken. Dit biedt meer zekerheid, omdat het ook graverij van andere dieren voorkomt en omdat het op die manier wél mogelijk wordt om samen met de muskusrat te leven. Bovendien, als je geen klemmen en verdrinkingsvallen meer hoeft te plaatsen:

  1. voorkom je dierenleed van de dieren die in de val terecht komen; 
  2. stimuleer je migratie van vissoorten die anders in een val stranden en vaak ook overlijden;
  3. voorkom je verstoring van kwetsbare soorten, omdat je niet meer met allerlei materialen om vallen te zetten door het gebied heen hoeft. 

Ethisch onjuiste aanpak

Na mijn inspraak bepleitte de bestrijdingsorganisatie voor het voortzetten van de bestrijding, met meer slimme middelen zoals e-dna (een opsporingstechniek waarmee je uit het water kan bepalen of er muskusratten aanwezig zijn). Volgens onderzoek moet het over een jaar of 10-15 mogelijk zijn om de muskusrat terug te dringen tot de landsgrens. Dit zou dan ook weer de inzet van middelen in heel Nederland beperken en minder dierenleed veroorzaken. Op zich een logisch verhaal. Echter, uitgaande van het recht op leven en dat dit recht op deze manier in zijn geheel ontnomen wordt, plus het feit dat er nergens een goed preventieplan ligt om de waterkeringen goed te beschermen tegen graverij, maakt dat deze aanpak in mijn ogen ethisch onjuist is.


Tunnelvisie?

Tijdens de presentatie werd de situatie in Groningen van een aantal jaar geleden opgehaald. Daar ging het ‘helemaal mis’. Op de vraag ‘wat er dan helemaal mis ging in Groningen’, gaf men aan dat de bestrijding niet op orde was omdat het niet goed georganiseerd was. De vraagsteller duidde duidelijk op een antwoord dat betrekking had op de veiligheid, maar dat kwam niet over. We hebben nu dus nog steeds geen idee of bij die situatie, waarbij er meer muskusratten in Groningen zaten, er ook meer waterkeringen doorgebroken zijn. Het zou goed kunnen dat hogere dichtheden helemaal niet zo desastreus zijn. Zeker niet als je goede preventieve maatregelen tegen graverij inzet. Maar die werden door de bestrijdingsorganisatie weggezet als te duur, niet effectief en daarom onmogelijk. Volgens mij is dit een tunnelvisie. Men wil maar één kant op en dat is de uitroeiingskant.

Audits zijn er niet voor niets

Tijdens de sessie kwam ook de vraag naar boven hoe betrouwbaar de door de bestrijders opgegeven bijvangstgegevens zijn. Dat zijn natuurlijk geen leuke gegevens om door te geven en om hier een onafhankelijke audit op los te laten, lijkt mij dan ook helemaal geen gek idee. Kies je als bestuurder voor het doden, dan wil je daar toch zorgvuldig mee omgaan lijkt mij. Een onafhankelijke audit, zoals wij voor het Beter Leven keurmerk ook laten uitvoeren, geeft een garantie dat het werk zorgvuldig uitgevoerd wordt en alleen op basis van goede gegevens kan beleid opgesteld worden.

Verdrinkingsdood diervriendelijk?

Op een gegeven moment werd beweerd dat uit onderzoek blijkt dat de verdrinkingsval een diervriendelijke dood tot gevolg heeft. Het betreffende onderzoek zegt echter helemaal niets over de diervriendelijkheid. Het is enkel een vergelijkend onderzoek naar de hoeveelheid letsel die een dier oploopt in een verdrinkingskooi t.o.v. een klem. Uit ander onderzoek blijkt namelijk dat als je naar het gedrag van de muskusrat in de kooi en de stresshormoonniveaus kijkt, dat dieren in een verdrinkingskooi 4,75 tot 6,45 minuten bezig zijn om te proberen zich uit de kooi te knagen en dat ze een verhoogd cortisolgehalte hebben. Je maakt mij dan niet wijs dat dit een fijne, diervriendelijke dood is. Overigens is de klem dat ook niet, want door de lage slagkracht duurt het ook vaak meer dan een minuut voordat een dier stopt met spartelen. Als het minutenlang duurt voordat een dier buiten bewustzijn raakt en zich overduidelijk bewust is van het feit dat het in ernstige problemen zit, dan is het geen acceptabel middel.

Samenleven met de muskusrat & nieuwe dijktechnologieën

Uit de vragen van de waterschapbestuurders van Amstel, Gooi en Vecht (AGV) maakte ik op dat zij interesse tonen in een alternatieve aanpak met meer inzet van preventieve maatregelen. Laten we hopen dat AGV voor een aanpak kiest waarbij we samenleven met de muskusrat. Dit scheelt ons ook weer kopzorgen op een ander gebied. Knobbelzwanen die ernstig in nood zijn geraakt door de klem komen bij de Dierenbescherming binnen en wij buigen ons met zorg over deze dieren. Wij worden dus heel direct geconfronteerd met het leed dat de bestrijding veroorzaakt. Daarom vinden wij ook dat het helemaal anders moet: We kunnen prima samen met de muskusrat leven en er moeten nieuwe dijktechnologieën worden ingezet om onze veiligheid te borgen!