Dierenmishandeling: meten is weten

Hoe staat het er inmiddels voor met de strengere straffen, zoals het zelfstandig houdverbod?

In mijn vorige blog mocht ik stilstaan bij het 160-jarig bestaan van onze mooie organisatie. En recent konden we ook al vieren dat het wetsvoorstel met strengere straffen voor dierenmishandeling- en verwaarlozing per afgelopen 1 januari in werking trad. Mét de nieuwe mogelijkheid van een 'zelfstandig houdverbod', wat het mogelijk maakt om daders het bezit van dieren te verbieden. Een langgekoesterde wens van de Dierenbescherming. Toch kan het (zelfs) bij ons niet alle dagen feest zijn.

mr. Léon Ripmeester

Door: mr. Léon RipmeesterJurist

Dierenmishandeling: meten is weten

Want nu de ballonnen en de slingers zogezegd weer zijn opgeruimd, is de volgende vraag natuurlijk: hoe staat het er eigenlijk voor met de toepassing van deze mooie nieuwe wetgeving?

Kritische Kamervragen

De Kamerleden Kostić en Teunissen (beiden PvdD) waren ook benieuwd, en stelden er in het voorjaar al Kamervragen over. Vorige week kregen zij daarop antwoord, van de kersverse Ministers van Justitie en Landbouw. De eerste indruk is er een van een glas dat op het eerste gezicht best halfvol lijkt. Op 1 januari is een aangescherpte richtlijn voor strafvervolging in werking getreden, wat kort gezegd inhoudt dat er voortaan strengere straffen worden geëist door het OM tegen daders van diverse delicten met dieren. Daarin is nu onder meer het zelfstandig houdverbod verwerkt. Er wordt ook melding van gemaakt dat er binnen het OM scholing bestaat over de Wet dieren, inclusief een cursus over dierenwelzijnszaken met gezelschapsdieren. Er wordt gewerkt aan goede cursusmogelijkheden die als educatieve maatregel verplicht kunnen worden opgelegd aan daders van dierenmishandeling – dat is een nieuwe mogelijkheid uit de wetswijziging (wat overigens wel betekent dat deze educatieve maatregel nu nog niet kan worden toegepast). Sinds 1 januari heeft de NVWA twee bedrijven stilgelegd of gesloten vanwege dierenwelzijnsovertredingen, op grond van de nieuwe bevoegdheid daartoe. Allemaal best oké.

Hoe vaak een houdverbod?

Maar dan de antwoorden op de vragen naar de eregast op dit feestje. Hoe vaak is inmiddels dan het zelfstandig houdverbod opgelegd? En hoe vaak was dit levenslang? Hoe vaak heeft het OM gebruikgemaakt van de nieuwe mogelijkheid om verdachten op te leggen geen of minder dieren te houden (een speciale vorm van het houdverbod)? Bij die antwoorden van de regering slaat het inmiddels al bijna feestelijk opgeheven biertje toch een beetje dood. Helaas.

In de beantwoording wordt terecht opgemerkt dat de nieuwe straffen alleen kunnen worden opgelegd voor gevallen die ná 1 januari (lees: na de inwerkingtreding van de wet) zijn gepleegd. Het duurt dan uiteraard even voordat een verdachte wordt vervolgd en OM of rechter komt tot het opleggen van een zelfstandig houdverbod. Met deze kanttekening in gedachten wordt vervolgens geantwoord, dat in de periode 1 januari t/m 15 april 2024 in minder dan tien zaken een zelfstandig houdverbod is opgelegd. In minder dan vijf zaken werd een levenslang zelfstandig houdverbod opgelegd. Voor wat betreft de OM-variant van het houdverbod wordt opgemerkt dat 'uit de registratie van het OM niet is op te maken hoe vaak door een Officier van Justitie een houdverbod is opgelegd' en 'door de korte periode tussen inwerkingtreding en uw vragen is het effect en gebruik van deze maatregel nog niet goed meetbaar'.

'Het is niet te meten?'

Eh... wat staat hier nu eigenlijk? Juristen zijn in het algemeen meer van de lettertjes dan van de cijfertjes. En toegegeven: ik ben daarop bepaald geen uitzondering. Ik dacht dus eerst dat ik hier las, waarschijnlijk ook omdat ik zo opgetogen was over sommige andere antwoorden: er is tien! keer een zelfstandig houdverbod opgelegd, waarvan vijf! keer levenslang. Maar dat stáát er dus niet. Het kan ook veel minder vaak zijn. Nul keer zelfs?? En hoewel je kunt vermoeden dat de 'vijf keer levenslang' vallen binnen de 'tien keer opgelegd' (in totaal) staat ook dat er niet letterlijk. Misschien is hier bedoeld of onbedoeld een onderscheid gemaakt tussen enerzijds tijdelijke- en anderzijds levenslang opgelegde houdverboden náást elkaar.

Verreweg het meest zorgelijke is echter het voorgaande citaat over het OM. Uit de registratie is het niet op te maken, en het is nu nog niet goed meetbaar. Maar hoe gaat het op langere termijn dan wél meetbaar worden, als het om te beginnen al niet uit de registratie te halen is?

Oproep: breng jaarlijks verslag uit

Het herinnert mij helaas aan Kamervragen die in het verleden wel vaker zijn gesteld, over het aantal zaken op het gebied van diergerelateerde strafzaken en de daarbij opgelegde straffen. Telkens was het teleurstellende antwoord: dat houden we niet zó bij, dat kunnen we niet uit onze systemen halen. Dat zou dan te maken hebben met 'delictcodes' en vermoedelijk ook dat de misdrijven die dieren aangaan wat aandacht betreft (maar ook administratief?) verloren gaan ten opzichte van iemands hoofdmisdrijf tegenover mensen. Even eenvoudig gezegd: iemand mishandelt zijn huisdieren, maar krijgt vooral straf voor het tevens mishandelen van vrouw en kinderen (juridisch gezien een 'zwaarder' delict). Dan is vooral dat laatste wat geadministreerd wordt, en goed terug te vinden is. Sorry, maar dit soort nogal ambtelijke argumenten heb ik nooit erg overtuigend gevonden. Ze vallen een beetje in de categorie 'computer says no'. Dat kan inmiddels beter, zou je denken.

We vinden met zijn allen het optreden tegen dierenmishandeling en dierverwaarlozing erg belangrijk. Dat vindt ook de politiek en de regering; vandaar immers de recent ingevoerde strengere straffen en uitgebreidere strafmogelijkheden. Het wetsvoorstel werd zeer breed gesteund. En vandaar ook dat OM en NVWA werk maken van op te leggen cursussen op dat gebied, en de aangescherpte OM-richtlijn met strafeisen. Maar dan wil je toch ook weten wat dit in de praktijk 'doet'? Meten is weten, dat snappen zelfs juristen.

Nieuwsgierigheid

De PvdD-kamerleden konden hun nieuwsgierigheid, wat ik heel goed begrijp overigens, niet helemaal beteugelen, en stelden al snel Kamervragen over de effecten van de nieuwe wetgeving.

Maar we vinden het dus met zijn allen blijkbaar belangrijk, en dan zou je dat toch gewoon goed en proactief moeten willen regelen lijkt me.

Concreet stel ik daarom voor dat de Ministers van Justitie en Landbouw voortaan voor 1 juli van elk jaar een mooi en compleet overzicht maken over het voorafgaande kalenderjaar, met daarin volledige cijfers, toelichting en stand van zaken met betrekking tot de vervolging en bestraffing ('afdoening') van 'dierenzaken'. Te beginnen met een mooie terugblik op 2024 vóór 1 juli 2025. En als je dat meerjarig doet, kun je dus echt gaan meten en duiden. Grafieken maken, trends analyseren (en voorspellen, duiden) etc. Al die zaken die vroeger tijdens de wiskundeles niet echt aan mij besteed waren, maar waarvan ik inmiddels begrijp dat ze er toch echt wel toe doen.

Dierengeluiden

Iedere donderdag een opiniestuk van de Dierenbescherming over dieren in het nieuws, actuele dierenwelzijnsproblemen of onze overwegingen.

Meer afleveringen