“Elke kat is leuk, ik maak geen onderscheid”
Dierverzorger katten - Ilse Rietsema
Ilse werkt al 33 jaar als dierverzorger. Ze begon als stagiair bij Dierenasiel Zuidwolde en is nooit meer weggegaan. Althans, niet tot voor kort. Het oude, vertrouwde pand sloot onlangs zijn deuren... Maar het werk ging door, in het nieuwe Dierenbeschermingscentrum Noord-Nederland in Groningen.
Door: redacteur Marlijn de Jager-Gerhardt & videograaf Eline Hendriks
Verhuizen doet meer dan je denkt
Ilse wijst naar het gloednieuwe meerkleurige gebouw dat op 20 juni officieel geopend werd: “Een jaar geleden was dit nog een kale vlakte. Tijdens de bouw reed ik er af en toe langs, gewoon om te kijken en om aan het idee te wennen. Het klinkt misschien vreemd, maar zo’n gebouw doet toch wat met je… Ik liep jankend rond toen we verhuisden.”

Dat de verhuizing haar zo zou aangrijpen, had Ilse niet verwacht. “De eerste keer dat ik naar de nieuwe locatie reed om te werken, passeerde ik het oude asiel, want dit ligt nu eenmaal op de route. En weer rolden de tranen over m’n wangen. Maar dat is voorbij. In dit pand is zo veel beter nagedacht over de dieren, dat maakt alles goed.” Rond het gebouw scharrelen een paar tuinmannen. Ze schoffelen in de perken en planten jonge scheuten. Aan de overkant schrijdt een groepje van zes ooievaars door het pasgemaaide gras, statig en onaangedaan. Dat ze zich op een industrieterrein bevinden, laat hen volstrekt onverschillig.
Rust voor de dieren
Ilse loopt het dierenasiel binnen. Het is opvallend stil. De deuren vallen geruisloos achter haar dicht en nergens klinkt een blaf of miauw. “Dat was in het oude asiel wel anders”, zegt ze. “Daar moest je door de hondengang om bij de katten te komen. De honden zaten tegenover elkaar en hielden elkaar continu bezig. Dat gaf veel onrust en vooral veel lawaai. In het hele gebouw kon je alles horen."

Ilse loopt door een brede gang met een brandschone vloer. Ze opent de deur van de kattengang. De dierenverblijven zitten achter glas. “Vanmorgen is alles al schoongepoetst, ook dat gaat veel makkelijker in dit asiel.” Elke kat heeft een boven- en onderverdiepinkje, en een bescheiden buitenruimte tot zijn beschikking. “Als je dit voor het eerst ziet, is het misschien even wennen”, zegt ze. “Voorheen verbleven veel katten in een groepsruimte vol klimpalen, speeltjes en schuilplekken. Dat oogt vriendelijker. Sommige katten vonden dat prima, maar uit onderzoek blijkt dat de meeste daar juist veel stress van krijgen. Dit glas dempt omgevingsgeluid en beperkt geuren. Ze kunnen nu echt op zichzelf zijn en raken minder snel overprikkeld. Dat merk ik wel, ik zie de katten er nu rustiger bijzitten dan voorheen. Ik heb ook het idee dat bangere katten sneller bijdraaien. Het helpt daarbij dat ze tot de plaatsing in hetzelfde verblijf zitten. En van de honden hebben ze geen last meer, want die zitten in een andere vleugel.
Iedere kat telt
In het keukentje schept Ilse kattenvlees uit een blikje. “Jimmy mag wat eten, hij krijgt gedurende de dag zachtvoer, vanwege zijn gebroken onderkaak (cerclage).” Aan de andere kant van het glas strijkt Jimmy verheugd heen en weer. De kap op z’n kop lijkt hem nauwelijks nog te deren. Ilse benadert hem met een brede grijns en helpt hem om de kap over het etensbakje te krijgen. Jimmy begint te eten, zichtbaar in zijn element. Hoewel Ilse alle dieren in het dierenasiel even waardevol vindt, geeft ze toe een kattenmens te zijn. “Ze zijn eigenzinnig, gaan hun eigen weg, ze spinnen… Ze zijn geweldig! Elke kat is leuk en ze verdienen allemaal aandacht. Ik maak geen onderscheid in leukere katten of minder leuke.”

Na haar handen te hebben gewassen, loopt Ilse met vaste tred naar een ander verblijf. Onderweg begroet ze alle katten die haar nieuwsgierig vanachter het glas gadeslaan. ’s Middags is er tijd om te spelen met de katten. Aandacht is belangrijk, niet alleen uit liefde maar ook voor hun socialisatie en ter verrijking om verveling tegen te gaan. Ilse opent een kast, haalt een doos, hengeltjes en andere speeltjes tevoorschijn en gaat bij Minou in de buitenren zitten. De poes aarzelt geen moment en springt spinnend op schoot.

Waar zijn de kittens?
Hoewel het kittentijd is, is er nergens een kitten te bekennen. “Die zitten bij onze gastgezinnen; die zijn goud waard! Daar zijn we zo blij mee!”, zegt Ilse. “In het dierenasiel worden kittens sneller ziek en in een huiselijke omgeving wennen ze aan alle geluiden en gewoontes die horen bij een echt thuis.”
Als Minou is uitgespeeld, wast Ilse opnieuw haar handen en verlaat ze de kattenvleugel. Het gebouw is een stuk ruimer opgezet dan het oude. “Ik kom absoluut aan mijn beweging toe”, lacht ze. In het kantoor klapt ze haar laptop open. “Eens kijken”, knipoogt ze, “of er iemand interesse heeft in een van onze dieren.

Zelf verwelkomde Ilse vijf katten uit het dierenasiel. “De oudste is inmiddels elf jaar”, vertelt ze. Ook een toy poedel vond bij haar een thuis. Daarnaast ving Ilse jarenlang kittens op als gastgezin, nu alleen in hoge nood. “Ik heb zelfs een tijd flessenkittens grootgebracht. Die moest ik dag en nacht voeden en verzorgen. Een intensieve klus, maar zeer waardevol.” Ze leest geconcentreerd en tuurt ernstig naar het scherm.
Trieste situaties
Werken in het dierenasiel is niet altijd makkelijk. Regelmatig komen er verwaarloosde dieren binnen of dieren die bijvoorbeeld worden afgestaan vanwege vakantieplannen… “Wat me het meeste raakt, zijn oudere mensen die na het overlijden van hun partner naar een tehuis moeten waar ze hun – vaak ook al oudere – dieren niet mee naartoe mogen nemen. Die kat is vaak hun laatste herinnering aan wat ze samen hadden. Ik begrijp dat een bejaardentehuis niet altijd rekening kan houden met dieren, maar ‘oude bomen moet je niet verplanten’, dat geldt voor mensen én voor dieren." Het is verdrietig, voor de eigenaren én voor de dieren die vaak moeite hebben te wennen. Gelukkig vinden we altijd een nieuw thuis.”
Denk goed na voordat je een dier aanschaft
In de mailbox staat een afstandsaanvraag. “Mensen doen vaak te makkelijk afstand van hun dier”, concludeert Ilse na 33 jaar ervaring. “Soms loopt het leven anders dan gepland. Door ziekte of financiële tegenslagen. Maar ik snap niet dat mensen dieren in huis nemen zonder zich écht te verdiepen in het ras of de soort. Dan krabt een kat aan de bank, vallen de dierenartskosten tegen, heeft een hond meer beweging nodig dan gedacht of verliezen de kinderen hun interesse in de konijnen. Zo zonde!” Haar advies is dan ook: “Laat je goed informeren voor je een dier in huis haalt!”
Uitzwaaien blijft mooi
Het
leukste van Ilses baan? Een dier plaatsen. De nieuwe baasjes lopen glunderend
naar buiten met een kattenmandje of hond aan de lijn. "Geweldig! Dat went nooit.
En als je later foto’s krijgt van het dier dat ontspannen op de bank of op
schoot ligt, is dat elke keer weer zó mooi! Ik had moeten afvinken hoeveel
dieren ik heb uitgezwaaid, haha.”
