Vogels wel of niet bijvoeren in de winter?
Help je vogels nu echt door ze in de winter bij te voeren? Die vraag krijgen we regelmatig. Daarom delen we hieronder ons advies en onze tips voor een vogelvriendelijke wintertuin.

In zachte winters redden vogels zich prima. Vogels in Nederland bouwen in de herfst een vetlaagje op waarvan ze leven in de winter. Als de temperatuur meerdere dagen onder nul is, raden we wél aan om vogels bij te voeren. Ze kunnen dan namelijk alle energie gebruiken om zich warm te houden. Feit is wel dat een deel van de vogelsterfte in de winter een natuurlijk proces is, dat zullen we moeten accepteren. In het algemeen is de Dierenbescherming geen voorstander van het bijvoeren van in het wild levende dieren, omdat dit de natuurlijke balans verstoort. Lees meer hierover in het kader onderaan deze pagina.
Wat geef je vogels in de winter?
Vogels verschillen enorm in voedselkeuze en eetgedrag. Sommige soorten houden van besjes en pinda’s, andere vullen hun maag met larven en wormen. Er zijn ook veel vogels die zich tegoed doen aan de pitten van uitgebloeide bloemen en insecten die onder bladeren leven. Haal vooral niet al het ‘dode materiaal’ weg!
Houd een tijdje in de gaten welke vogels jouw tuin bezoeken en pas hier het menu op aan. Op de website van de Vogelbescherming lees je wat verschillende vogels eten en hoe ze het voedsel het liefst opgediend krijgen.
Hebben vogels water nodig in de winter?
Ook in de winter zijn vogels blij met water. Zowel om van te nippen als in te badderen. Doe elke dag vers water in een platte schaal (geen metaal, daar kunnen vogels aan vastvriezen) en zet deze op een veilige, catproof, verhoogde plek. Doe géén suiker of zout in het water. Van suiker gaan de vleugels plakken waardoor de vogel de warmte niet goed kan vasthouden, van zout kunnen vogels nierproblemen krijgen. Is er ijs in het bakje ontstaan? Vergruis het ijs, dat kunnen vogels ook binnenkrijgen als water.
Tips voor een vogelvriendelijke wintertuin
- Kies voor gifvrij en biologisch voer met inheemse noten en zaden.
- In veel vogelvoer zitten afgekeurde pinda’s voor menselijke consumptie, geef dit niet: de pinda's bevatten de schimmel aflatoxine en die is slecht voor vogels. Haal ook andere pinda’s die zijn aangetast door schimmel weg. Die zijn giftig voor vogels.
- Haal pinda’s na de winter weg. Jonge vogels (die in het voorjaar komen) kunnen niet tegen pinda’s.
- Geef geen margarine of producten waarin margarine zit verwerkt, dit werkt laxerend voor vogels.
- Geef geen brood aan vogels (dit geldt overigens ook voor eenden). Dat is veel te zout.
- Kies voor zand in plaats van zout om je gladde paadje te strooien. Zo krijgen vogels niet via-via alsnog zout binnen.
- Bied niet te veel voedsel aan, maar vul liever elke dag bij. Dit voorkomt bederven en houdt ongedierte weg. Maak de voederplank regelmatig schoon om ziekteverspreiding te voorkomen.
- Haal vetbollen uit het netje. Vogels kunnen namelijk verstrikt raken hierin. Een vetbolhouder of garde is een goed alternatief.
- Hang een nestkastje op. Vogels schuilen en slapen hier graag in als het koud is. En wie weet vinden ze het kastje wel geschikt voor hun eerste nestje?! Maak het kastje voordat de winter begint schoon met heet en schoon water en vul het met droge bladeren. Ook beschutte plekjes, groenblijvende heesters en klimop zijn veilige slaapplekken.
- Ligt er een laag sneeuw? Maak een stukje grond vrij voor vogels die naar bodemdiertjes scharrelen, zoals het roodborstje en de heggemus.
- Houd jaarrond je tuin vogelvriendelijk met inheemse en biologische beshoudende planten, struiken en bomen.
