Pas op! Veel overstekend wild

Het aantal aanrijdingen met wilde dieren is flink toegenomen. Zo werden er in 2021 8.603 geregistreerd, waar dit er in 2014 nog 5.750 waren. Een toename van 2.853! Het is dan ook niet voor niets dat je op sommige boswegen 60 in plaats van 80 km per uur mag rijden. Hierdoor heb je meer tijd om uit te wijken en te remmen als het nodig is, en heeft het wild een grotere kans om jou te ontwijken. Wat kun je nog meer doen om de kans op een aanrijding te verkleinen en wat moet je doen als je toch wild aanrijdt?

Pas op! Veel overstekend wild

Waarom steekt wild de weg over?

Meldingen van aangereden reeën, zwijnen, hazen, egels, eekhoorns, vogels en andere dieren stromen bij de politie binnen. De meeste aanrijdingen vinden plaats in de lente en zomer, o.a. omdat het dan paartijd is. Reeën zijn normaal schuwe dieren, maar tijdens de bronsttijd hebben de dieren alleen oog voor elkaar en steken ze gedachteloos de weg over. Ook hebben veel dieren in deze tijd jonge dieren die gevoerd moeten worden. De ouders zoeken verwoed naar eten. Andere jonge dieren, zoals jonge reeënbokjes, leren op eigen benen te staan en zoeken naar een nieuw verblijfsgebied.

Op de Veluwe groeit het aantal wilde zwijnen enorm, waardoor er steeds meer ongelukken gebeuren. Egels houden in de winter hun winterslaap en zijn in de andere seizoenen weer volop in beweging. Genoeg redenen dus voor dieren om over te steken.

Daarnaast heeft ook de recreatie- en vakantiedrukte invloed op de dieren. Wanneer meer mensen in het bos te vinden zijn en het hier dus drukker is, kunnen de wilde dieren zich genoodzaakt voelen om hun eigen gebied te verlaten. Als zij hun vaste gebied verlaten is er een grotere kans dat zij slachtoffer worden van een ongeval.

Leidraad voor het verminderen van aanrijdingen

Nieuwe wegen, spoorlijnen en bebouwing zorgen ervoor dat bossen meer opgedeeld raken, waardoor dieren vaker wegen moeten oversteken. In 2016 publiceerden we samen met een aantal natuurorganisaties een leidraad waarin staat hoe het aantal aanrijdingen met reeën omlaag kan. Het document kwam tot stand naar aanleiding van een stappenplan dat onderzoeker Mirjam de Vries in opdracht van Natuurmonumenten opstelde. De Vries onderzocht veertien bestaande maatregelen en analyseerde o.a. hoe effectief wildwaarschuwingssystemen, virtuele hekwerken en het verlagen van de toegestane snelheid zijn. De leidraad en het stappenplan waren met name bedoeld voor weg- en faunabeheerders. Maar wat kun jij doen om de kans op aanrijdingen te verkleinen?

Wat kun jij doen?

Het lijkt misschien verleidelijk: op een rustige weg omringd door bos kun je lekker doorrijden. We raden je juist aan wat rustiger te rijden, zodat je op tijd voorzichtig kunt uitwijken en remmen als het nodig is. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat wanneer men 60 rijdt i.p.v. 80, wild een grotere kans heeft om een auto te ontwijken en de bestuurder sneller kan ingrijpen.

Zie je in de verte al wild op de weg lopen? Rijd langzamer (als het kan) en zet je alarmlichten aan voor het verkeer achter je, en als waarschuwing voor de dieren. Houd er rekening mee dat deze dieren vaak niet alleen zijn en het dus goed kan zijn dat er meerdere dieren volgen als de eerste is overgestoken.

In de herfst raden we je aan op kleinere wegen de randen goed in de gaten te houden. Wat een blad lijkt, kan zomaar een egeltje zijn.

Zie je vogels op de weg? Toeter dan ook even om ze te waarschuwen.

Wat moet je doen bij een aanrijding met groot wild?

Stel dat je per ongeluk een ree, zwijn, of ander groot wild dier aanrijdt. Wat doe je dan?

  • Je stopt met rijden. Doorrijden is namelijk strafbaar;
  • Je belt de politie op het telefoonnummer 0900 – 8844. Dit doe je ook als het dier niet blijft liggen en weer wegloopt;
  • Wacht op de komst van de politie, de faunabeheerder of dierenambulance* en ga tijdens het wachten niet achter het dier aan;
  • Je mag het wild nooit meenemen, dit staat vastgelegd in de Wet natuurbescherming. Het kan tot behoorlijk gevaarlijke situaties leiden, het dier lijkt misschien dood of buiten bewustzijn, zodra het wakker wordt kan er grote paniek ontstaan.

*Het hangt van het type dier en de afspraken in de regio af welke hulpverlener naar de melding wordt gestuurd.

Wat moet je doen bij een aanrijding met klein wild?

  • Hoewel zo’n aanrijding meestal fataal is, is het toch raadzaam om bij een aanrijding met klein wild zoals egels of vogels te kijken of het dier nog leeft;
  • Zo ja, rijd dan zo snel mogelijk met het dier naar de dierenarts;
  • Let op: sommige dieren kunnen bijten, pak die niet zomaar zonder handschoenen op. Het is daarom handig om altijd een doosje met handschoenen achterin je auto te hebben liggen;
  • Ben je niet zeker van je zaak? Bel het meldnummer voor dieren in nood 144;
  • Heb je het dier per ongeluk doodgereden? Dan raden we je aan het dier van de weg af te halen en in de berm neer te leggen. Dit voorkomt dat andere vogels of aasetende dieren op de weg gaan pikken.

Kijk goed uit en zorg dat er geen onveilige verkeerssituaties ontstaan!

Voor dieren in het wild

Wilde dieren in Nederland komen geregeld in de problemen doordat ons land meer en meer is aangepast aan menselijke behoeftes. Wij pleiten voor een diervriendelijkere omgang met wilde dieren, en zoeken actief naar diervriendelijke oplossingen.

Alle dossiers