8 maanden cel voor hondengevechten

31 oktober 2019

Vandaag deed de rechtbank van Amsterdam uitspraak in een zaak tegen vier mensen die ervan werden verdacht hondengevechten te organiseren. De hoofdverdachte krijgt acht maanden celstraf (waarvan drie voorwaardelijk) voor het organiseren van vier hondengevechten, dierenmishandeling en het fokken van honden op vechtkenmerken. Twee andere mannen en een vrouw krijgen taakstraffen en voorwaardelijke gevangenisstraffen voor hun aandeel in de strafbare feiten. Ook mogen ze gedurende drie jaar geen honden houden. Een gevangenisstraf voor dierenmishandeling is zeldzaam, aldus de rechter. De Dierenbescherming vindt het goed dat hiermee een duidelijk signaal is afgegeven dat hondengevechten onacceptabel zijn.

Het was voor het eerst dat er in ons land mensen voor de rechter stonden voor het organiseren van hondengevechten. Tegen de vier personen waren door het Openbaar Ministerie straffen van 9 maanden cel tot 100 uur taakstraf geeist. De vier organiseerden volgens het OM ten minste zeven hondengevechten met minimaal veertien honden. Aan de rechtszaak ging een uitgebreid onderzoek vooraf waarin de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID), de politie en het OM nauw hebben samengewerkt.


Houdverbod

Als onderdeel van de straf is er dus een houdverbod opgelegd, maar dit is als bijzondere voorwaarde bij de voorwaardelijke straf. Dit betekent dat als de personen toch weer honden houdt, zij alsnog of langer de gevangenis in moeten. De LID is gevraagd het houdverbod te controleren en de verdachte moet aan deze controles meewerken. Het is in zo'n geval echter niet altijd mogelijkheid om aangetroffen dieren per direct weg te halen. Wat ons betreft zou dat bij een zaak als deze wel moeten, daarvoor is een zelfstandig houdverbod nodig. Dan is er geen ontkomen aan en kunnen bij overtreding nieuwe dieren wel meteen weggehaald worden. Helaas kan zo'n houdverbod nog niet worden opgelegd omdat het aangekondigde wetsvoorstel hiervoor nog niet is aangenomen. De Dierenbescherming dringt er bij minister Grapperhaus op aan om hier haast mee te maken.

Verschrikkelijk dierenleed

De rechtbank acht de vier schuldig aan het organiseren van de gevechten en het laten deelnemen van honden daaraan. De rechtbank neemt hen dat zeer kwalijk: de honden liepen tijdens de gevechten ernstige (bijt)wonden op en zijn kreupel geworden. Eén van de honden raakte dusdanig gewond dat haar poot is gehecht met een hechtpistool. Twee personen zijn ook schuldig aan het fokken van honden op vechtkenmerken en aan het bedrijfsmatig houden van honden zonder te voldoen aan de benodigde vereisten: hierdoor zijn bij een groot aantal honden ernstige gedragsafwijkingen ontstaan. De rechtbank meldt het schrijnend te vinden om te zien hoeveel verschrikkelijk leed de dieren is aangedaan.