Vossen

Met enige regelmaat lees je in de media berichten over vossen die uit benarde situaties worden gered. Betrokken dierenliefhebbers en -hulpverleners stellen alles in het werk om het dier te redden, vaak met goede afloop. Zoiets lezen geeft een goed gevoel. Helaas worden er op het zelfde moment in het hele land vossen doodgeschoten. 

Er mag in ons land vrij op de vos gejaagd worden omdat deze een bedreiging zou vormen voor dieren als weidevogels en kippen. Sterker nog, veel provincies willen ontheffingen verlenen voor extra vossenjacht die ’s nachts met behulp van lichtbakken plaatsvindt. De Dierenbescherming vindt dit onacceptabel en vindt dat het doden van wilde dieren in Nederland, waaronder vossen, alleen in uiterste gevallen toegestaan zou mogen zijn. Vossen doden om andere dieren te beschermen is geen duurzame oplossing, werkt niet en er zijn bovendien meer dan genoeg alternatieven om eventuele schade te voorkomen.



De wet schrijft zelfs voor dat er bij schade eerst alles geprobeerd moet worden om een oplossing te vinden, voordat er dieren gedood mogen worden. Helaas blijkt hier in de praktijk vaak weinig van. Bij het aanvragen van ontheffingen wordt niet of niet voldoende aangetoond wat er geprobeerd is en waarom het niet werkte. Toch wordt hier door provincies gemakkelijk aan voorbij gegaan en gaat het alleen nog maar over hoe, waar en hoeveel dieren er gedood mogen worden.

Weidevogels

Het meest gebruikte argument vóór vossenjacht is het gevaar dat deze dieren zouden vormen voor de toch al bedreigde weidevogels. Ook de Dierenbescherming betreurt de teruggang in het aantal weidevogels in Nederland, maar is van mening dat je daar de vos niet de schuld van kan geven. De beste manier om weidevogels te beschermen is het aanpassen van hun leefomgeving. Zo blijkt uit een recente publicatie dat in de Nieuwkoopseplassen, waar geen vossenjacht plaatsvindt, het aantal broedende weidevogels enorm is toegenomen dankzij minder intensieve landbouw, aangepast maai- en zaaibeleid en verhoging van het waterpeil.



Er zijn dus wel degelijk andere manieren om de weidevogel te beschermen zonder dat daarvoor andere wilde dieren zoals de vos doodgeschoten hoeven te worden. Bovendien zorgt het jagen op vossen veelal niet voor minder vossen en als het al lukt om het aantal vossen (tijdelijk) te verlagen, andere roofdieren als de zwarte raaf, marterachtigen, roofvogels en egels hun plaats innemen.

Dierenleed

Vossen eten onder meer vogels om te overleven. Dat is misschien niet leuk, maar een onvermijdelijk onderdeel van de natuur. Het leed dat veroorzaakt wordt door de vossenjacht is wel te vermijden. Zo is er bijvoorbeeld het leed voor vossen die worden aangeschoten en vaak pas na een lange lijdensweg sterven. Het risico hierop wordt alleen maar groter bij nachtelijke jacht met lichtbakken. Ook sterven jonge vossen een hongerdood als de ouders tijdens de zoogtijd worden afgeschoten.

Wat doen wij

De Dierenbescherming pleit er dan ook bij de provincies voor om geen ontheffingen voor nachtelijke vossenjacht te verlenen of, als deze al zijn afgegeven, deze weer in te trekken. Daarbij zijn we uiteraard bereid om de provincies te helpen en te adviseren bij het toepassen van alternatieve manier om schade door wilde dieren te voorkomen.

Lees ook het blog van Programmamanager In Het Wild Levende Dieren Femmie Smit: Vossen: volgen of vervolgen?