Diervriendelijk overlast bestrijden

In Nederland worden jaarlijks zo'n 3,4 miljoen muizen en ratten gedood omdat ze als schadelijk of hinderlijk worden ervaren. Dit gebeurt met klapvallen, gif en allerlei andere dieronvriendelijke middelen, die of verboden zijn voor particulieren, of waarvan onduidelijk is of je deze middelen als consument überhaupt wel mag gebruiken. De Dierenbescherming is van mening dat voorkomen beter is dan bestrijden en zeker een stuk diervriendelijker. Vaak is doden of wegvangen namelijk niet nodig. Met een aantal preventieve maatregelen zorg je ervoor dat ze niet binnenkomen en bijvoorbeeld je voorraadkast leeg eten.


Ons standpunt over muizen en ratten

De Dierenbescherming vindt dat muizen en ratten in het ecosysteem thuishoren, maar is ook van mening dat schade door deze dieren aan menselijke goederen zoals voedsel en vee, en het risico op ziekteoverdracht van dier naar mens, zoveel mogelijk voorkomen moet worden. Voor de bestrijding van deze overlast is preventie de beste oplossing. Het inzetten van middelen die onnodig leed veroorzaken, zoals gif en lijmplaten (die overigens verboden zijn en enkel via een provinciale ontheffing te gebruiken zijn) vinden wij niet acceptabel.

Wat kun jij doen?

  • Ratten en muizen komen af op voedsel. Zorg dat er geen etensresten rondslingeren en maak goed schoon.
  • Muizen en ratten knagen makkelijk door plastic of karton. Verpak voedsel daarom in afsluitbare bakjes en bewaar het in afgesloten kasten/lades.
  • Voorkom dat muizen en ratten binnenkomen (muizen kunnen al door een gat van 0,5 cm het huis in komen!). Dicht gaten en sluit ventilatieroostertjes af met zogenaamde bijenbekjes.
  • Houd het groen direct aangrenzend aan je huis kort: muizen en ratten vinden het niet prettig als ze door roofdieren kunnen worden gezien.
  • Mocht preventie niet het gewenste resultaat geven, ga dan niet zelf aan de slag met allerlei (niet toegestane) middelen, maar maak gebruik van een professioneel, gecertificeerd plaagdiermanagementbedrijf en vraag om nog meer preventietips te geven en in uiterste gevallen snel dodende middelen in te zetten, zoals goed werkende klapvallen.


Wat doet de Dierenbescherming?

De Dierenbescherming brengt haar standpunt, preventietips en zorgen over ontoelaatbare middelen via lobby over bij overheden, bedrijven (die gebruik maken van dierplaagbeheersers) en het publiek. Zo hebben wij bij de landelijke overheid gepleit voor toelatingseisen voor mechanische middelen (zoals klapvallen). Er zijn verschillende middelen op de markt waarvan de werking, maar ook de impact op het dierenwelzijn onduidelijk is. Alle middelen zouden getoetst moeten worden op hun impact en enkel toegelaten worden als dieren niet onnodig lang lijden. Helaas heeft de overheid hier tot op heden geen actie op ondernomen.

Bij het bedrijfsleven en gemeentelijke overheden dringen wij aan op preventie. Dit doen wij door het geven van tips en het opnemen van dierplaagbeheersingscriteria in het Beter Leven keurmerk.

Ook vinden wij het belangrijk om bij de dierplaagbeheersers dierenwelzijn onder de aandacht te brengen. Naast het voeren van gesprekken met de brancheorganisaties en beheersers zelf, hebben wij ook zitting in het College van Deskundigen geïntegreerde rattenbeheersing. Het daaruit voortgevloeide handboek en keurmerk legt de nadruk op het voorkomen van plagen door het nemen van preventieve maatregelen

Tot slot werken wij actief samen met diverse kennisinstituten op het gebied van dierplaagbeheersing en het voorkomen van overlast en dierenleed, zoals het KAD, Censas en de Universiteit van Utrecht.